WOBberichten

1996, 1997, 1998, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2005...

 

2000: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12


januari 2000

2000-01

in dit nummer:

BASOB-III vernieuwd

tekst BASOB-III per 20.1'2000

checklist BASOB-III

stand van zaken per 1.1'2000

index 1999

in de marge

- BASOB-III niet genoeg?

- sheets Farida Farhadpour

- VUT-CAO weer verlengd

- scholing met subsidie

- nieuwe ABVAKABO-bestuurder

- loos alarm 'interim' parttimers

In de eerste WOBberichten van 2000 leest u dat de BASOB-III-regeling vernieuwd is en hoe die nu luidt. Natuurlijk is er ook weer een nieuwe checklist. Ook nieuw in ons blad: de salariscirculaire, alias 'stand van zaken', gevolgd door de index 1999.

In de marge, maar niet van minder belang: als ook vernieuwd niet genoeg is, Farida Farhadpours sheets, de verlengde VUT-cao, extra Europese subsidie voor het bijscholingsprogramma, Ilse van der Weidens entree en loos alarm over de interim.


BASOB-III vernieuwd

De BASOB-III-regeling, zoals die stond afgedrukt in WOBberichten 99-10 is zojuist aangepast. De kern van de aanpassingen is dat de duur van de regeling is verlengd van 3 naar 4 jaar, en dat in die 4 jaar de bijdrage begint met 80% voor het eerste jaar en dan jaarlijks met 20%-punt daalt tot 20% in het vierde jaar.

De regeling is daarmee uiteraard aantrekkelijker geworden - wij raden u dan ook aan snel te reageren, omdat het bestuur van BASOB bij de verdeling in eerste instantie rekening houdt met volgorde van binnenkomst.

Aanmeldingen direct bij BASOB: postbus 566, 2501 CN Den Haag.

bijdrageregeling BASOB-III per 20 januari 2000

Algemeen

- De BASOB-III regeling is een tijdelijke bijdrageregeling in de loonkosten, aan te vragen door een werkgever in de sector Openbare Bibliotheken, gefinancierd uit incidentele middelen van de Stichting Beheer Arbeidsmarktmiddelen Sector Openbare Bibliotheken (BASOB) en bestemd voor additionele arbeidsplaatsen op het salarisniveau tot en met schaal 3, periodiek 3 (= volgnummer 10).

In principe is er -binnen de hierna gegeven BASOB III kaders- financiële ruimte beschikbaar voor een bijdrage in de loonkosten tot een totaal van 13,3 BASOB-III arbeidsplaatsen van maximaal 32 uur per week (totaal beschikbaar 425,6 uren).

De BASOB-III regeling wordt uitgevoerd door de Stichting Beheer Arbeidsmarktmiddelen Sector Openbare Bibliotheken (BASOB) te 's-Gravenhage (hierna te noemen 'de Stichting').

- De aanmelding door de werkgever bij de Stichting om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in het kader van de BASOB-III regeling wordt in volgorde van ontvangst door het secretariaat van de Stichting in behandeling genomen.

- Indien sprake is van een grotere aanmelding dan waarin de geoormerkte BASOB-III middelen voorzien, dan zullen partijen bij de CAO Openbare Bibliotheken, verenigd in het Bestuur van de Stichting, de definitieve deelnemerslijst van werkgevers vaststellen, waarbij in principe de datum van binnenkomst van de aanmelding bij de Stichting als uitgangspunt geldt, maar waarvan op grond van een evenredige verdeling van de middelen over de diverse werkgevers en regio's, en/of op grond van andere -naar het oordeel van het bestuur- zwaarwegende argumenten, door het bestuur zelfstandig kan worden afgeweken.

De arbeidsplaats

- Een BASOB-III arbeidsplaats betreft een (al dan niet in de salarisregeling Openbare Bibliotheken geregelde) functie, die maximaal wordt gesalarieerd volgens schaal 3 periodiek 3 (= volgnummer 10) én waarvoor een BASOB-III tegemoetkoming wordt verstrekt.

Over een hoger volgnummer dan volgnummer 10 wordt derhalve in het kader van de BASOB-III-regeling geen tegemoetkoming verstrekt.

- De BASOB-III arbeidsplaats mag geen reeds bestaande, door een werknemer op arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bezette arbeidsplaats, of bestaande vacerende arbeidsplaats, vervangen.

De betreffende arbeidsplaats dient minimaal twee jaar voorafgaand aan de benoeming van de betrokken werknemer in de BASOB-III-arbeidsplaats niet te zijn voorgekomen in de arbeidsorganisatie, zulks blijkend uit een verklaring van de werkgever bij de aanvraag van een BASOB-III-tegemoetkoming, alsmede uit een door de werkgever verstrekte verklaring van de accountant of administratie-consulent aan het einde van het kalenderjaar waarin de benoeming in de BASOB-III arbeidsplaats heeft plaatsgevonden. De BASOB-III arbeidsplaats betreft derhalve een extra arbeidsplaats boven de bestaande werkgelegenheid bij een instelling, welke arbeidsplaats zonder gebruikmaking van de BASOB-III regeling niet tot stand zou zijn gekomen. -Een BASOB-III arbeidsplaats omvat minimaal 16 uur per week doch maximaal 32 uur per week.

De bovengrens van 32 uur per week is subsidie-technisch; indien de arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor meer dan 32 uur, wordt over de meerdere uren geen tegemoetkoming verstrekt.

- De BASOB-III arbeidsplaats wordt uitgevoerd onder de volledige aansprakelijkheid van de werkgever.

De werknemer

- Voor de toepassing van de BASOB-III regeling kan door de werkgever slechts een arbeidsovereenkomst worden aangegaan met een (kandidaat) werknemer die direct voorafgaand aan de datum van indiensttreding in het kader van de BASOB-III regeling bij een RBA langdurig, d.w.z. tenminste 6 maanden, als werkzoekend staat ingeschreven.

- De benoeming van de werknemer in het kader van de BASOB-III regeling dient plaats te vinden op grond van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

- Op de arbeidsovereenkomst is de CAO-Openbare Bibliotheken van toepassing.

De tegemoetkoming aan de werkgever / de beschikbaarstelling

- De bijdrage betreft een tijdelijke -vierjarige- tegemoetkoming in de reële loonkosten aan de werkgever, beschikbaar te stellen op de hiernavolgende wijze:

- 80 % van de reële loonkosten over het eerste 12 maanden na aanstelling;

- 60 % van de reële loonkosten over de maanden 13 t/m 24 na aanstelling;

- 40% van de reële loonkosten over de maanden 25 t/m 36 na aanstelling;

- 20% van de reële loonkosten over de maanden 37 t/m 48 na aanstelling.

Onder reële loonkosten wordt verstaan de loonkosten in de zin van de CAO Openbare Bibliotheken behorend tot de functie welke voor rekening zijn van de werkgever, inclusief de werkgeverslasten sociale premies en bijdrage pensioenfonds.

De afrekening vindt jaarlijks plaats aan het eind van het kalenderjaar op basis van de werkelijk gemaakte loonkosten over dat kalenderjaar die, indien deze de toezegging overschrijden (bijv. omdat de omvang van het dienstverband groter is dan 32 uur), voor het meerdere voor rekening blijven van de indiener.

In afwijking van de hoofdregel, dat alleen werkelijk gemaakte kosten basis van de afrekening zijn, worden de voor de betreffende werknemer ontvangen ZW-en WAO-uitkeringen niet in mindering gebracht op de loonkosten.

- De uitbetaling vindt als volgt plaats op aanvraag en bij wijze van voorschot:

45% van de in een kalenderjaar toe te kennen bijdrage, aan het begin van het desbetreffende kalenderjaar;

45% van de in een kalenderjaar toe te kennen bijdrage, in de maand juli van het desbetreffende kalenderjaar;

10% als eindbijdrage, na afloop van het betreffende kalenderjaar. De eindbijdrage over het desbetreffende kalenderjaar wordt toegekend, indien de rekening en verantwoording van de BASOB-III arbeidsplaats conform de hierna genoemde bepalingen is overgelegd en deze door de Stichting is goedgekeurd. (zie ook rekening en verantwoording)

Het beheer van BASOB-III middelen

- De administratie van de BASOB-III middelen is door partijen bij de CAO Openbare Bibliotheken opgedragen aan de Stichting Beheer Arbeidsmarktmiddelen Sector Openbare Bibliotheken (BASOB) te 's-Gravenhage.

- De Stichting is gemachtigd op elk moment verantwoording over de wijze van besteding van toegekende BASOB-III middelen te vragen aan de werkgever die deze middelen heeft aangevraagd en toegezegd gekregen.

- De toezeggingen van de Stichting vinden plaats onder voorbehoud van toekenning van de middelen door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OC&W) aan CAO-partijen én voorzover de Stichting over t.b.v. de BASOB-III regeling geoormerkte middelen beschikt.

- De Stichting kan in aanvulling op of in afwijking van deze voorwaarden, nadere regels stellen met betrekking tot de aanvraag, de voorwaarden, de beslissing, de uitvoering en de verantwoording met betrekking tot de BASOB-III middelen.

De aanvraag en beslissing

- De werkgever dient een gemotiveerde en ondertekende aanvraag in bij de Stichting, waarbij de werkgever verklaart dat de betreffende BASOB-III-arbeidsplaats minimaal twee jaar, voorafgaand aan de benoeming van de betrokken werknemer in de BASOB-III-arbeidsplaats, niet is voorgekomen in de arbeidsorganisatie.

- De aanvraag wordt per arbeidsplaats vergezeld van een concept voor de aan te bieden arbeidsovereenkomst, alsmede van een functievermelding (voor de vereisten van de arbeidsovereenkomst, zie hiervoor onder arbeidsplaats).

Voorts dient een kopie van het inschrijfbewijs van de kandidaat-werknemer bij een RBA te worden meegezonden.

- De Stichting kan nadere voorschriften geven ten aanzien van de inrichting van de aanvraag.

- De Stichting deelt de beslissing op de aanvraag schriftelijk mede aan de werkgever.

- Indien de beslissing een toezegging inhoudt, vermeldt de Stichting het bedrag dat als bijdrage kan worden toegekend, alsmede de wijze van beschikbaarstelling.

Onvoorziene omstandigheden en wijzigingen

- Indien zich gedurende de uitvoering van de BASOB-III arbeidsplaats onvoorziene omstandigheden voordoen en deze omstandigheden noodzakelijkerwijs tot wijziging van de bijdrage en/of aanpassing van de BASOB-III arbeidsplaats of de gestelde voorwaarden dienen te leiden, dient de werkgever zo spoedig mogelijk een verzoek tot wijziging in te dienen bij de Stichting.

- De werkgever geeft daarbij aan, onder overlegging van relevante stukken, welke omstandigheden tot het verzoek tot wijziging van de hoogte van, en/of voorwaarden met betrekking tot de toegezegde en reeds toegekende bijdrage hebben geleid.

- De werkgever is verplicht onmiddellijk de Stichting in te lichten, indien zich met betrekking tot een BASOB-III arbeidsplaats een vacature voordoet.

Indien zich met betrekking tot een BASOB-III arbeidsplaats een vacature voordoet wordt de bijdrage / de toekenning vanaf het moment van ontstaan van deze vacature niet meer verleend en vindt verrekening plaats met reeds verstrekte voorschotten.

- De aan de werkgever toegezegde bijdrage inzake de BASOB-III regeling is primair instellings- (en niet werknemer-)gebonden. Rekening en verantwoording

- De werkgever verstrekt jaarlijks aan het einde van het kalenderjaar aan de Stichting alle bescheiden en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor de controle en verantwoording.

Ook anderszins wordt door de werkgever zoveel mogelijk medewerking verleend, teneinde de Stichting in staat te stellen haar taak op een juiste wijze te vervullen.

- Een door de werkgever ondertekende verantwoording met betrekking tot de BASOB-III arbeidsplaats dient jaarlijks aan het eind van het kalenderjaar te worden ingediend bij de Stichting onder gebruikmaking van het door de Stichting opgestelde standaard-declaratieformulier en de standaard-verklaring van accountant of administratie-consulent.

Aan het einde van het kalenderjaar waarin de benoeming in de BASOB-III arbeidsplaats heeft plaatsgevonden dient voorts uit de verklaring van de accountant of administratieconsulent te blijken dat de betreffende arbeidsplaats op het moment van benoeming van de betrokken werknemer in de BASOB-III-arbeidsplaats minimaal twee jaar niet voorkwam in de arbeidsorganisatie.

- Na goedkeuring van deze verantwoording door de Stichting zal de eventueel na aftrek van de verstrekte voorschotten resterende te verlenen bijdrage, worden toegekend.

Een eventueel bij wijze van voorschot verstrekt teveel zal worden verrekend met het eerstvolgende voorschot van het volgende jaar, of leidt, bij beëindiging van de BASOB-III arbeidsplaats, of na de 48e maand van de BASOB-III-arbeidsplaats, tot de verplichting van de werkgever het ontvangen teveel terstond terug te storten.

De verplichting geldt onmiddellijk na vaststelling van de eindbijdrage, zonder dat ingebrekestelling door de Stichting nodig is.

- Te allen tijde zal verantwoording gevraagd kunnen worden over reeds toegekende gelden. Bij constatering van onbruik en/of misbruik van de reeds ontvangen bijdragen zullen deze worden teruggevorderd door de Stichting zonder dat ingebrekestelling is vereist.

Ook kan in zo'n geval de gedane toezegging voor wat in de toekomst toe te kennen bijdragen betreft, door de Stichting vervallen worden verklaard.

- Indien door of namens de werkgever onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt, of indien de in deze voorwaarden vervatte voorschriften of specifieke voorwaarden die de Stichting aan de toezegging/toekenning van de bijdrage heeft verbonden, niet worden nageleefd, kan de Stichting de gedane toezegging wijzigen dan wel intrekken, de toekenning van voorschotten opschorten en de bijdragen wijzigen dan wel intrekken.



checklist BASOB-III

Bij de indiening van een verzoek tot tegemoetkoming met betrekking tot een BASOB-III-arbeidsplaats.

- (kopie) inschrijfbewijs RBA van de betrokken werknemer

(vereist: direct voorafgaand aan benoeming tenminste 6 maanden als werkzoekend ingeschreven);

- verklaring van de werkgever dat de arbeidsplaats tenminste twee jaar voorafgaand aan de benoeming van de betrokken werknemer in het kader van BASOB-III niet voorkwam in de organisatie;

- (concept-)arbeidsovereenkomst; vereisten:

- het (bank-)gironummer van de rekening van de arbeidsorganisatie waar de tegemoetkoming moet worden gestort;

- de naam van de functionaris die namens de werkgever als contactpersoon fungeert.

Bij de jaarlijkse afrekening na afloop kalenderjaar.

- (alleen bij de afrekening van het eerste jaar)

verklaring van de accountant of administratie-consulent van de werkgever dat de arbeidsplaats tenminste twee jaar, voorafgaand aan de benoeming van de betrokken werknemer in het kader van de BASOB-III-regeling, niet is voorgekomen in de organisatie;

- standaard-declaratieformulier BASOB;

- standaard BASOB-verklaring van accountant of administratie-consulent met betrekking tot de juistheid van de verstrekte jaaropgave.

stand van zaken per 1.1'2000

salarissen

Per 1 januari 2000 zijn de salarissen met 2,25% verhoogd.

De bedragen vindt u o.a. in het tekstboekje van de CAO 1999-2000.

vakantiegeld

De vakantie-uitkering is 8%, met als minimum voor werknemers van 18 jaar en ouder sinds 1 januari 2000 ƒ 252 per maand, voor 15-, 16- en 17- jarigen respectievelijk ƒ 137, ƒ 157 en ƒ 177.

Voor part-timers geldt een evenredig gedeelte van de minimumvakantietoeslag. Ook over de vakantie-uitkering wordt de overhevelingstoeslag gegeven.

minimumloon

Het bruto minimumloon voor werknemers van 23 jaar en ouder is per 1 januari 2000 verhoogd met 1,26% tot ƒ 2406,30.

Ook het minimumjeugdloon is verhoogd:

15 jaar ƒ 721,90 19 jaar ƒ 1263,30
16 jaar ƒ 830,20 20 jaar ƒ 1479,90
17 jaar ƒ 950,50 21 jaar ƒ 1744,60
18 jaar ƒ 1094,90 22 jaar ƒ 2045,40




pensioenpremies

De franchise voor het berekenen van de in te houden pensioenpremie is per 1 januari 2000 verhoogd tot ƒ 26.300 per jaar (was ƒ 26.631) ofwel ƒ 2.191,66 per maand. Het premieverhaal op de deelnemers daalt naar 3,2%, de totale premie-afdracht aan het pensioenfonds naar 5,6% (was 6,0%), het niveau van 1998.

Van de door deelnemers verschuldigde WAO-hiaatpensioenbijdrage blijft het percentage gelijk, maar wordt de verhaalsvrije voet (WAZ-franchise) hoger.

De bijdrage is 1,4% van het in artikel 21a, lid 3 Pensioenreglement bedoelde salaris (derhalve met inbegrip van onregelmatigheidstoeslag) minus de per 1 januari 2000 gewijzigde verhaalsvrije voet van ƒ 31.187 (was: ƒ 30.798). Deze franchise wordt, anders dan die voor het OP-pakket, voor parttimers niet verminderd naar rato van de omvang van het dienstverband.

Bij elke salariswijziging moet de in te houden pensioenpremie gebaseerd zijn op het nieuwe salarisbedrag. Voor de premie-afdracht geldt sinds 1992: afrekening naar de stand van zaken per ultimo jaar.

De in te houden pensioenpremie wordt berekend over het salaris inclusief de toepasselijke vakantietoeslag, verminderd met het franchisebedrag.

Op de bijgevoegde inhoudingstabellen zijn de uitkomsten te zien.

Ziekenfondswet

De loongrens om verplicht verzekerd te zijn is per 1 januari 2000 vastgesteld op ƒ 64.600 (was: ƒ 64.300).

Naast de proportionele premie van 1,75% is de werknemer een nominale premie verschuldigd, die buiten de werkgever om wordt geïncasseerd.

Het werkgeversdeel van de premie, dit jaar 6,35% (was 5,85%), wordt over het gehele loon berekend.

Degene wiens vast overeengekomen maandloon op 1 november 1999 of bij indiensttreding daarna meer dan ƒ 4.984,57 exclusief vakantietoeslag bedraagt, is voor de Ziekenfondswet niet verplicht verzekerd.

Loon dat als spaarloon wordt uitbetaald, telt niet mee voor de berekening van het 'vast overeengekomen loon'.

Deelnemen aan een spaarloonregeling kan daarom gevolgen hebben voor al dan niet verplicht verzekerd zijn, met andere woorden: vóór de peildatum beginnen of ophouden met sparen kan leiden tot het overschrijden van de loongrens.

Indien onregelmatigheidstoeslag (ORT) wordt uitbetaald voor een rooster dat van tevoren voor een zeer lange periode (langer dan één maand) is vastgesteld, dan wordt het ORT-bedrag op de peildatum 1 november tot het vast overeengekomen loon gerekend.

Voor de toetsing van de loongrens voor de Ziekenfondsverzekering worden alle inkomens uit dienstbetrekking, en/of andere, zoals uitkering krachtens de WAO, aanvulling op de WAO, VUT-uitkering, Weduwenpensioen etc., bij elkaar geteld.

premieloongrens sociale verzekeringen

Voor de berekening van het loon dat bij de premieheffing in aanmerking wordt genomen, gelden de volgende maximale bedragen voor de premieberekening:

per jaar: per maand:

voor de Ziekenfondswet (ZFW): ƒ 55.900 ƒ 4.658,33

voor Wachtgeldverzekering: ƒ 82.940 ƒ 6.911,67

voor de Werkloosheidswet (WW): ƒ 54.080 ƒ 4.506,67

voor de Wet op de Arbeidsongeschiktheids-

verzekering (WAO): ƒ 82.940 ƒ 6.911,67

premies sociale verzekering

werkgever werknemer totaal

ZFW 6,35 1,75 8,10%

Wachtgeld 3,71 0,00 3,02%

WW 3,75 6,25 10,00%

WAO-basis 6,30* 6,30%

* bij de WAO-basispremie komt een per werkgever gedifferentieerde premie.

Bovengenoemde percentages van de sociale lasten betreffen de sector Cultuur en Audiovisueel.

Voor leden buiten die sector kunnen andere percentages gelden. Die vindt u in het door uw sectorraad of uitvoeringsinstelling verstrekte materiaal.

Ook voor 2000 geldt bij de WW een franchise in de premieheffing bij werkgevers, nu van ƒ 111 per dag. De werknemersfranchise is gelijk.

overhevelingstoeslag

Omdat met ingang van 1 januari 1990 de premies van de volksverzekeringen (AOW, AWW, AAW, AWBZ) bij de werknemer worden ingehouden, wordt ter compensatie van deze premies een overhevelingstoeslag gegeven van gemiddeld 2% van het salaris onder aftrek van pensioenpremie en werknemersaandeel WW/WAO en bijtelling van het werkgeversaandeel ZFW.

De overhevelingstoeslag bedraagt ook in 2000 + 2% met een ongewijzigd jaarmaximum van ƒ 1.830.



reiskosten woon-/werkverkeer

Per 1 januari 2000 gelden de volgende bedragen in Bijlage J, Regeling Vergoeding Verhuiskosten en Bijlage J, Regeling Tegemoetkoming Woon-/Werkverkeer van de CAO:

Bijlage I,

artikel 2 lid 2: ƒ 201 wordt ƒ 205

artikel 2 lid 4: ƒ 201 wordt ƒ 205

Bijlage J,

artikel 2 lid 2: ƒ 201 wordt ƒ 205 en ƒ 94,75 wordt ƒ 96,25

artikel 5 lid 1: ƒ 94,75 wordt ƒ 96,25

Het normbedrag voor de belastingvrije autokilometervergoeding is voor 2000 niet verhoogd (blijft ƒ 0,60).

andere wijzigingen van belang

spaarloonregeling

Het bedrag dat in 2000 maximaal geblokkeerd mag worden gespaard is ƒ 1.736 (was ƒ 1.706). De werkgever betaalt daar 10% loonbelasting over.

afdrachtvermindering

De vermindering lage lonen voor personen van 23 jaar en ouder wordt ƒ 2.040. Het totaal van de vermindering lage lonen en de vermindering langdurig werklozen en de vermindering onderwijs wordt ƒ 6.610.



index WOBberichten 1999

alle artikelen zijn gerangschikt per rubriek, daarbinnen op alfabet naar trefwoord(en) in de titel.

algemene informatie
AWO-fonds verhuisd 99-08
abonnement WOBberichten 99-01
extra abonnement WOBberichten 99-06
index 1998 99-01
loongrens ziekenfonds 2000 99-11
minimumloon per 1.7.'99 99-05
oudere wachtgelders 99-03
ledeninformatie
adoptieverlof 99-04
aansprakelijkheid bestuursleden 99-05
afdrachtvermindering scholing 99-03
ALV 21.4.'99; verslag 99-04
ALV 16.12.'99; aankondiging 99-10
anciënniteit berekenen 99-09
arbeidsinspectie op bezoek bij de WOB 99-02
arbeidsmarktonderzoek 99-10
arbo- en verzuimbeleid: wat moet u? 99-02
Arbowet gewijzigd 99-09
AWO-project onderzoek werkdruk 99-03,-06,-10
AWO-projecten 2000 indienen 99-07
BASOB-I 99-10
BASOB-III; bijdrageregeling en checklist 99-10,-11
BBSW, tweede lichting-cursisten 99-01
brancherapportage Arboned 99-06
conferentie "Visie op functioneren" 99-10
CAO-cursus, inventarisatie belangstelling 99-11
dienstjubilea 99-06
dwangsom betalen? 99-10
einde dienstverband en vakantierestant 99-09
EKA wordt WISKA 99-02
ESF/ADAPT-projecten 99-07
interimbedragen per 1.1.'99 99-05
facturen WOB 99-08
Flexwet en oproepperiode 99-11
geschillen bij ziekte 99-06
koninginnedag 2000 99-12
mbo-vacatures gezocht 99-06
modern werkgeverschap; seminar: uitnodiging en verslag 99-09,-11
openbare Bibliothe Amsterdam prijs 99-07
oproepkrachten en ziekte 99-01,-04
opleiden mbo-functies; seminar 99-09
opzegtermijn oudere werknemers 99-12
OR-lidmaatschap kleine part-timers en oproepkrachten 99-12
paspoortaffaire 99-08
pesten op het werk 99-05
proeftijd en zwangerschap 99-04
reïntegratieplan noodzakelijk? 99-08
99-11
roosterseminar; vooraankondiging roosterprogramma, inventarisatie belangstelling 99-11
sociale verzekeringen in de toekomst 99-12
solliciteren met hoofddoek 99-04
subsidieherziening landelijke WOB-leden 99-01
verlofplanner millenniumproof 99-05
verwijzing in ledenbrief WOB 4128 99-10
video "beroepsbeeld" 99-10
vrijwilligers, kostenvergoeding 99-03
werkende jongeren 99-05,-06
roken en drinken op de werkplek 99-05
VNG-circulaire 99-12
WISKA respons 99-07
WULbZ mini-enquête 99-07
ziektewetverzekering De Amersfoortse 99-03,-12
pensioen, VUT en FlexTOP
barberberg pensioengegevens tijdig binnen 99-02
pensioensparen FlexTOP 99-06,-08
verklaring voor pensioenreparatie 99-03
voorlichtingsbijeenkomst pensioensparen FlexTOP 99-12
WAO-hiaatpremie blijft gelijk 99-12
CAO
afgesloten CAO's 99-07
algemeen verbindendverklaring 99-12
artikel 44, lid 3 CAO geschrapt 99-11
artikel 45A CAO toegelicht 99-10
artikel 81 CAO: eindejaarsuitkering 99-12
bijlage I en J, nieuwe bedragen per 1.1.2000 99-12
bijlage H uit de CAO 99-02
CAO-boekje 99-06
nieuws van de onderhandelingstafel 99-01
aanvulling handboek 99-08,-09
ontslagbesluit en de CAO 99-03
vertrek J.W. Dieten 99-08
wetgeving op komst
adoptieverlof 99-07
vakantiewetgeving 99-06
wetsontwerp adoptieverlof ingetrokken 99-03
wettelijk recht op deeltijdwerk 99-06
wetsvoorstel tegen leeftijdsdiscriminatie 99-12
jurisprudentie
uitspraak Bedrijfscommissie 99-04
uitspraken Bedrijfscommissie onder vuur 99-10






BASOB-III niet genoeg?

Natuurlijk blijft denkbaar dat de voorwaarden voor u nog niet voldoende aantrekkelijk zijn.

Als u weet op welke voorwaarden u wel belangstelling zou hebben, wilt u die dan aan het WOB-secretariaat laten weten.

Mocht er geld overschieten, dan kan de WOB het amalgaam van zulke reacties als voorstel inbrengen.

Houdt u daarbij drie punten goed voor ogen: ten eerste dat een voorwaardelijke aanmelding in rang na een onvoorwaardelijke komt, en ten tweede dat de eis 'onder aan het loongebouw' altijd zal blijven gelden en ten derde dat het bij BASOB-III gaat om snelle besteding van tijdelijk beschikbare middelen, die anders terug zouden vloeien naar de centrale overheid.



sheets Farida Farhadpour

De sheets van de presentatie van mevrouw Farida Farhadpour zijn beschikbaar bij het secretariaat.

Degenen die 11 november haar presentatie op het WOB-seminar 'modern werkgeverschap' hebben bijgewoond, of zich hadden ingeschreven, maar verhinderd waren, kunnen ze opvragen bij het WOB-secretariaat.

Een faxje met deze bladzijde omcirkeld, of een e-mail met 'Farida' in de onderwerpregel is genoeg.



VUT-CAO weer verlengd

De VUT-CAO met de overgangsmaatregelen is -volgens het voornemen om dat tientallen jaren zo te blijven doen- weer verlengd tot eind 2004.

Wij citeren uit het verslag van het Centraal Overleg Arbeidsvoorwaarden Openbare Bibliotheken (COAOB) van 20 januari 2000:

"Partijen (her)bevestigen het gestelde in artikel 2 lid 2 van de 'VUT-CAO' (onderdeel B5-Handboek) met betrekking tot verlenging overgangsregeling t.b.v. het jaar 2000, te weten:

'De overgangsregeling ex artikel 6a van deze CAO wordt jaarlijks op 1 januari ongewijzigd opnieuw aangegaan voor een volgende periode van 5 jaar.' "

Voor de goede orde: dit betekent niet dat de 'oude' VUT-regeling terugkomt. Het gaat vooral om de overgangsregeling van degenen die geboren zijn van 1940 tot 1956.



scholing met subsidie

Scholing van medewerkers is voor bibliotheken een kostbare zaak.

Vereniging NBC en WOB prijzen zich dan ook gelukkig dat op de valreep van het oude jaar bekend werd dat het Europees Sociaal Fonds extra subsidies beschikbaar stelt om het succesvolle bijscholings-programma van beide organisaties nog te kunnen continueren tot 1 juli 2000.

Het bijscholingsprogramma ESF/Adapt II is medio 1998 gestart en richt zich op het ondersteunen van functie-innovatie en strategische vernieuwing binnen de branche. Het aanbod bestaat uit cursussen en trainingen op de gebieden nieuwe media en Internet, marketing, media-educatie, publieksinformatie en studiehuis. Cursussen worden zoveel mogelijk provinciaal / regionaal georganiseerd in samenwerking met PBC's en grote stedelijke bibliotheken. Daarnaast wordt deelname gesubsidieerd aan het volgen van (modules van) de mbo-opleiding Assistent Bibliothecaris OB-en. Voor subsidie komen alleen werkgevers in aanmerking die lid zijn van de WOB.

Nadere informatie over scholingsprogramma en subsidievoorwaarden: cursusbureau NBC,

070 - 3090 152

nieuwe ABVAKABO-bestuurder

Zoals gemeld in WOBberichten 98-08 is de heer JanWillem Dieten met zijn activiteiten in het COAOB gestopt, ten gunste van andere werksoorten.

In het eerste COAOB van 2000 werd mevrouw Ilse van der Weiden als zijn opvolgster verwelkomd.

Mevrouw Van der Weiden heeft haar sporen verdiend bij de AOB, de onderwijsbond van de FNV.

De kwaliteiten van de heer Dieten blijven ten dele behouden voor de bibliotheken, want hij blijft voorlopig nog voorzitter van het bedrijfspensioenfonds.



loos alarm 'interim' parttimers

Enkele leden belden het secretariaat naar aanleiding van een uitspraak van de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) over de toepassing van het Besluit tegemoetkoming ziektekosten rijkspersoneel (BTZR).

Artikel 5 van dat besluit (nog vaak aangeduid met de koosnaam van zijn voorgangster - de 'interim-regeling') zegt dat de tegemoetkoming naar rato van het dienstverband wordt betaald.

De CGB vond dat onnodig discriminerend. Het kabinet is inmiddels met succes in beroep gegaan tegen die CGB-uitspraak.

Gevolg: u kunt gewoon, als voorheen, de BTZR ('interim') naar rato blijven betalen.

De BTZR-bedragen van 2000 worden meestal rond april bekendgemaakt.



 

februari 2000

2000-02

in dit nummer:

CAO-bevoegdheden OR

belasting vakantiedagen

VerlofPlanner op 29 april

uitslag rooster-inventarisatie

voorbereiding CAO 2001

praten over arbo-convenant

wegwijzer voor de werkgever

- WOB en gemeentelijke bibliotheken

- seminar roosterplanning

- PC-privéregeling

- gastcolumn

In deze WOBberichten worden de rechten van de OR op een rij gezet. Verder treft u informatie aan over de belasting van vakantiedagen in 2001 en de belasting en de CAO, Koninginnedag 2000 en de verlofPlanner en de uitslag van de inventarisatie roosterprogramma. Er zijn en komen gesprekken over CAO-voorstellen en een arboconvenant. Aan het eind: een wegwijzer.

In de marge berichtjes over de WOB en gemeentelijke bibliotheken, een vooraankondiging seminar roosterplanning, waar het pc-privémodel staat en een uitnodiging aan u om een gastcolumn te vullen.

CAO-bevoegdheden ondernemingsraad

Op verzoek van enkele leden zetten we hieronder op een rij welke bevoegdheden de ondernemingsraad (OR) en de werknemersvertegenwoordiging hebben, naast hun bevoegdheden op grond van de Wet op de Ondernemingsraden (WOR), op grond van de CAO Openbare Bibliotheken.

Wet op de Ondernemingsraden (WOR)

De OR heeft op grond van de WOR de volgende rechten:

recht van initiatief

De OR heeft het recht alle aangelegenheden die de organisatie betreffen aan de orde te stellen in een overlegvergadering met de ondernemer: bespreekbaar zijn alle sociale, organisatorische, financiële en economische zaken die betrekking hebben op de onderneming.

Dit recht hangt nauw samen met:

recht op informatie, actief en passief

De ondernemer moet, als de OR daar om vraagt, tijdig alle inlichtingen en gegevens verstrekken die de OR voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig heeft.

Daarnaast moet de ondernemer uit eigen beweging ook nog bepaalde informatie geven:

basisinformatie (art. 31 lid 2 WOR), financieel-economische informatie (art. 31a) en informatie over het sociaal beleid (art. 31b en 31c). Ook de WOR-artikelen 25 lid 3, 27 lid 2 en 30 lid 3 bevatten bepalingen omtrent informatie die de ondernemer ongevraagd moet verstrekken. Ook in deze gevallen kan de OR nadere informatie vragen.

adviesrecht

In artikel 25 van de WOR staat een uitputtende lijst van onderwerpen waarover de ondernemer in een voorbereidende fase van zijn besluitvorming advies moet vragen aan de ondernemingsraad. Aanvullend op dit adviesrecht heeft de OR het recht in beroep te gaan tegen een besluit dat niet of niet geheel is gevolgd of te laat is gevraagd.

Tevens heeft de OR een adviesrecht bij de benoeming of het ontslag van een bestuurder van de onderneming (art. 30).

instemmingsrecht

Artikel 27 van de WOR bevat een limitatieve opsomming van onderwerpen ten aanzien waarvan de OR instemmingsrecht heeft.

CAO Openbare Bibliotheken

De rechten van de OR op grond van de WOR zijn in de CAO op nogal wat punten uitgebreid.

Waar in de CAO de OR wordt genoemd is het bepaalde, tenzij anders vermeld, van overeenkomstige toepassing op de werknemersvertegenwoordiging (artikel 69 CAO).

* In artikel 29 krijgt de OR instemmingsrecht ten aanzien van het voorgenomen besluit tot openstelling van de bibliotheek op zondag.

* Artikel 42 geeft een aanvulling op het instemmingsrecht dat de OR heeft op grond van artikel 27, lid 1 sub e van de WOR: een plan met betrekking tot de werving en selectie van nieuwe werknemers wordt in overleg met de OR vastgesteld. Daarbij dient uitgangspunt te zijn dat de personeelssamenstelling in overeenstemming is met de samenstelling van de regionale beroepsbevolking.

* Artikel 43 sluit aan bij het instemmingsrecht van de OR bij een regeling op het gebied van personeelsopleiding: een plan met betrekking tot de scholings- en opleidingsmogelijkheden van de werknemers, gericht op hun huidige en toekomstige functievervulling binnen of buiten de instelling, moet ter instemming worden voorgelegd aan de OR.

* In overleg met de OR inventariseert de werkgever of en, zo ja, in hoeverre aan de werknemers kinderopvangmogelijkheden ter beschikking kunnen worden gesteld (artikel 45).

* De werkgever zal in organisaties waarin thans werkzaamheden die tot de reguliere functies behoren, worden uitgevoerd door vrijwilligers, periodiek met de OR overleggen over de actuele stand van zaken en de wijze waarop kan worden bevorderd dat bedoelde werkzaamheden worden uitgevoerd door werknemers die op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam zijn (artikel 45A).

* Artikel 47 breidt artikel 25 lid sub c en d van de WOR uit: de OR heeft ingevolge de CAO ook het recht van advies bij reorganisatieplannen of onderdelen waarop de WOR niet van toepassing is. Deze bepaling kent een eigen adviesprocedure.

* Een beoordelingsregeling die afwijkt van artikel 50 leden 2 tot en met 7, behoeft de instemming van de OR volgens artikel 50 lid 8 CAO.

* Artikel 65A j 81: De werkgever kan met instemming van de OR overeenkomen (een deel van) de structurele eindejaarsuitkering ex artikel 81 te bestemmen ten behoeve van (de uitbreiding van) een instellingsgebonden gratificatieregeling. Ook moet de werkgever de OR inzage geven in de omvang en de besteding van de ten behoeve van de instellingsgebonden gratificatieregeling bestemde middelen.

* Artikel 68: bovenwettelijke bevoegdheden OR

* lid 1: de werkgever is verplicht met de OR in overleg te treden over wijzigingen van de statuten of het huishoudelijk reglement.

* lid 2: wanneer de vacature van de directeur moet worden ingevuld, stelt het bestuur de OR in de gelegenheid een gesprek te voeren met de gerede kandida(a)te(en) voor de vervulling van deze vacature.

* lid 3: de OR heeft recht op inzage in alle vergaderstukken van het bestuur.

* lid 4: de werkgever moet met de OR overleggen over de begroting en het beleidsplan.

* lid 5: de OR heeft recht op inzage in een overzicht van het verrichte overwerk.

* lid 6: de OR heeft adviesrecht als bedoeld in artikel 25 WOR, indien de werkgever voornemens is groepsgewijs vrijwilligers te werven.

* lid 7: de OR heeft recht op een jaarlijks overzicht van de werkervaringsplaatsen.

* Het bestuur van de werkgever regelt in de statuten en/of in het huishoudelijk reglement dat de OR bevoegd is namens de werknemers tenminste één lid van het bestuur te benoemen (artikel 70).

* De OR heeft adviesrecht ten aanzien van de ontwerp-lijst van voor ontslag in aanmerking komende werknemers bij gedwongen ontslag (artikel 74, lid 7 e.v.).

Tenslotte: over het intrigerende 'tenzij' in lid 4 van artikel 69, dat al deze extra rechten ook aan de werknemersvertegenwoordiging toekent, 'tenzij in de desbetreffende bepaling anders wordt vermeld', hoeft een werknemersvertegenwoordiging zich geen grote zorgen te maken: wij zouden zo gauw geen CAO-bepaling kunnen noemen waarin de werknemersvertegenwoordiging inderdaad wordt uitgezonderd.

Iets heel anders is de WOR: het feit dat de werknemersvertegenwoordiging bij CAO een aantal extra rechten heeft gekregen, stelt haar nog niet in alle WOR-rechten gelijk met de OR.

Een voorbeeld vindt u in artikel 25 lid 6 van de WOR.

Dat bepaalt dat de ondernemer bij negatief advies van de OR (bijvoorbeeld over een regeling met betrekking tot de werving van vrijwilligers) de invoering daarvan moet opschorten.

Heeft de werknemersvertegenwoordiging negatief geadviseerd, dan hoeft dat niet.

belasting vakantiedagen

In december 1999 is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend waarin per 1 januari 2001 een nieuwe regeling voor verlofsparen wordt ingevoerd. Werknemers krijgen daarin de mogelijkheid onder bepaalde voorwaarden jaarlijks 10% van hun bruto jaarsalaris onbelast te sparen voor verlof. De aanspraken op dit opgespaarde verlof zijn, evenals pensioenaanspraken, onbelast. Volgens staatssecretaris Vermeend geldt de nieuwe verlofregeling alleen voor na 2001 opgespaard verlof. De verlof- en vakantiedagen die nog uit 2000 stammen, vallen uitdrukkelijk niet onder de nieuwe regeling en zullen dus niet worden belast.

In januari 2000 verschenen in de pers berichten dat al opgespaarde vakantie- en verlofdagen vanaf 1 januari 2001 zouden worden belast. De staatssecretaris heeft op vragen van de Tweede Kamer geantwoord dat werknemers die in 2000 hun opgespaarde vakantiedagen niet kunnen opmaken, er op kunnen rekenen dat de opgespaarde dagen ook in 2001 niet door de fiscus zullen worden aangeslagen alsof zij deze dagen in geld uitbetaald hebben gekregen. (uit Staatscourant van 23 februari).

CAO en belasting

De afdeling Grote Ondernemingen van de Belastingdienst heeft onze CAO's beoordeeld, te weten de CAO Openbare Bibliotheken (1 april 1996 tot en met 31 maart 1998) en de CAO Vrijwillig Vervroegd Uittreden Openbare Bibliotheken (1 januari 1996 tot en met 31 december 2000).

Een heel werk, begonnen op 12 februari 1998 en afgerond op 2 februari 2000 met een brief waarin de dienst per artikel de gevolgen van de beoordeelde bepalingen voor de heffing van belastingen vermeldt.

Geïnteresseerden kunnen die brief bij het secretariaat aanvragen - het is geen verplichte kost, want problemen had de belasting niet met onze CAO's.

Iets anders is dat de beoordeelde CAO's inmiddels weer wat zijn veranderd.

We zullen de dienst daarom vragen ook te kijken naar de nieuwe en veranderde bepalingen, waaronder ook de regeling van artikel 12 ('PC-privé'). Zodra er nieuws is -en dat zou nu niet zo lang hoeven te duren, zei de zegsman van de belastingen- geven wij dat uiteraard aan u door.

koninginnedag 2000 en VerlofPlanner op 29 april

Onderzoeksadviesburo 'Plan' waarschuwt: op mogelijke jaar 2000 bugs is op alle eigenaardigheden van de kalender gelet, zoals schrikkeldag en het doortellen van 99 naar 00, maar de verplaatsing van Koninginnedag van 30 april naar 29 april is daarbij over het hoofd gezien. Gelukkig is dit heel eenvoudig aan te passen.

1. Open de dagenadministratie van een der werknemers.

2. Klik op de Verlof-button.

3. Vul in: Periode van 3004 tot en met 3004 en kies 'wis coll./feestdagen'.

4. Druk op de Ok-button.

5. Druk bij het waarschuwingsvenster op de knop 'Alle'.

6. Klik opnieuw op de Verlof-button.

7. Vul in: Periode van 2904 tot en met 2904 en kies 'Feestdagen'.

8. Druk op de Ok-button.

9. Druk bij het waarschuwingsvenster op de knop 'Alle'.

Op deze wijze kunt u desgewenst alle feestdagen wijzigen!

uitslag inventarisatie roosterprogramma

Onderzoeksadviesburo 'Plan' meldt ons: er zijn in totaal 14 reacties binnen gekomen, hetgeen duidelijk maakt dat in elk geval de behoefte aan een dergelijk programma bestaat.

Van de 14 deelnemers gaven er 8 aan dat zij er f 250 per jaar voor over hebben, 5 deelnemers f 500 en 1 deelnemer f 1000. Een en ander zal ook samenhangen met de verwachtingen van de deelnemers welke arbeidsbesparingen er te realiseren zijn door het gebruik van een dergelijk programma.

Vier deelnemers hebben belangstelling getoond voor actieve deelname aan de ontwikkeling van het roosterprogramma. Met hen zal nader contact opgenomen worden.

Zodra duidelijk is welke eisen deze deelnemers aan een roosterprogramma stellen, zal er een nieuwe peiling plaatsvinden, maar nu met een duidelijke omschrijving van wat er met het programma mogelijk is en voor welke prijs e.e.a. gerealiseerd kan worden.

Dit jaar zal 'Plan' in elk geval het programma VerlofCalculator op de markt brengen. Dit programma zal de gebruiker in staat stellen om ook in complexe gevallen de berekeningen van de verlofrechten (en eventuele ATV-rechten) snel uit te voeren. De VerlofCalculator zal ook overweg kunnen met tussentijdse CAO-wijzigingen en met werknemers die onder een afwijkende CAO vallen.

voorbereiding CAO-voorstellen 2001

Dit voorjaar gaat de WOB een begin maken met de voorbereiding van voorstellen voor de CAO 2001.

Hiertoe wil het bestuur gesprekken voeren met de volgende groepen:

- Directie overleg stedelijke bibliotheken (DOS)

- Landelijk directie overleg (LDO)

- Vereniging Provinciale Bibliotheekcentrales Nederland

- Blindenbibliotheken en de Bibliotheek voor varenden, NBLC en Biblion

Wij vragen u vast na te denken over wensen en voorstellen voor de nieuwe CAO, waarover het bestuur in dit bovengenoemde groepsgesprek, inleidend, met de leden van gedachten wil wisselen.



CAO-partijen praten over arbo-convenant

In het laatste CAO-overleg hebben CAO-partijen verder gepraat over het afsluiten van een arbo-convenant. In een convenant komen onderwerpen aan de orde als het juist ontwerpen van werkplekken, ergonomische balies en balie-apparatuur, boekenkarren etc. Heeft u op dit moment vragen bij aanschaf van deze zaken of bij verandering van de inrichting van de bibliotheek, dan raden wij u aan de arbeidsinspectie om advies te vragen.

Het duurt nog zeker tot eind 2000 voordat publicatie beschikbaar is over de onderwerpen waarover het convenant zal gaan.



wegwijzer voor de werkgever

Wellicht kent u of werkt met de wegwijzer voor de werkgever, met allerlei nuttige informatie over de uitvoering van de sociale verzekeringen. Deze wegwijzer wordt in 2000 niet meer in druk uitgegeven door de uitvoeringsinstellingen. Het Lisv zal de tekst vanaf eind januari via internet: www.lisv.nl, beschikbaar stellen. Het Gak heeft de tekst al op zijn website staan:

www.gak.nl/wegwijzer2000/index.asp

Op verzoek is de tekst ook nog op papier te verkrijgen.

(bron: nieuwsbrief sectorraad Cultuur en Audiovisueel, jaargang 4 nr. 1, 21 januari 2000)



WOB en gemeentelijke bibliotheken

De WOB doet de laatste jaren steeds meer wat ook van belang is voor de gemeentelijke bibliotheken. U kunt hierbij denken aan onderwerpen als arbeidsmarkt en werkgelegenheid, opleidingen en arbeidsomstandigheden.

De WOB is voornemens op korte termijn een gesprek te beleggen met de gemeentelijke bibliotheken met als doel gezamenlijk te kijken of en hoe aan die relatie een vastere vorm is te geven, bijvoorbeeld met een speciaal lidmaatschap

seminar roosterplanning

Op dinsdagochtend 11 april a.s. organiseert de ABVAKABO samen met de WOB met subsidie van het AWO-fonds een seminar over roosterplanning in breed perspectief bezien.

De uitvoering van het seminar gebeurt door ATOS beleidsadvies en -onderzoek.

Voor dit seminar zullen worden uitgenodigd directies, hoofden P&O van de bibliotheken en kaderleden van ABVAKABO en CFO.

PC-privé regeling

Sinds de invoering van de huidige CAO kent deze een 'Regeling financiering personal computer werknemer voor oefening in privé-situatie (PC-privé-project)'.

Met een asterisk wordt aangegeven dat CAO-partijen ter invulling van het gestelde in artikel 12 een voorbeeldregeling/model zullen ontwikkelen.

Dit model is al enige tijd geleden ontwikkeld en is te vonden in de vorm van een aanvulling bij de modelarbeidsovereenkomst achter in het Handboek Arbeidsvoorwaarden op de pagina's D3-4, D3-5 en D3-6.

gastcolumn

Graag nodigen wij u uit om ook eens een stukje te schrijven voor WOBberichten.

Wij denken dan aan een artikel over een onderwerp waarvan u denkt dat andere leden van de WOB er ook in geïnteresseerd zullen zijn, waarin u een oproep kunt doen, iets geks kunt melden.

Vult u maar in.

Aan de orde zal komen het beleidsmatige traject dat vooraf gaat aan roosterplanning.

 

maart 2000

2000-03

in dit nummer:

Wet aanpassing arbeidsduur

voortgang project inventarisatie arbeidsmogelijkheden

termijn aanvraag subsidies arbeidsgehandicapten

toelichting artikelen 65A en 81 CAO

ontbinding arbeidsovereenkomst en opzegverboden

-wetsvoorstel gelijke behandeling

-WOB-hype

-werkgever en personeelsuitje

-CAO-cursus

In deze WOBberichten wordt de nieuwe wet aanpassing arbeidsduur besproken, leest u over de voortgang van het project inventarisatie arbeidsmogelijkheden, voor het aanvragen van subsidies voor arbeidsgehandicapten gaan termijnen gelden en vindt u een toelichting op de artikelen 65A en 81 van de CAO. Korte berichten over het wetsvoorstel gelijke behandeling, de WOB-hype, de werkgever die ook aansprakelijk is voor ongelukken tijdens een personeelsuitje en de uitslag van de enquête naar belangstelling voor een CAO-cursus.

wet aanpassing arbeidsduur

Op 8 februari jl. is de Eerste Kamer akkoord gegaan met de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA), waarin het recht op deeltijd is geregeld. Het is de bedoeling dat de wet op 1 juli 2000 in werking treedt.

Het recht op aanpassing van de arbeidsduur geldt voor werknemers die minstens een jaar voorafgaand aan het beoogde tijdstip van ingang van de aanpassing, in dienst zijn. Een werknemer kan niet alleen om vermindering van het aantal uren vragen maar ook om vermeerdering. De aanpassing van de arbeidsduur kan alleen betrekking hebben op de eigen functie. Voor een andere- vacante- functie moet de werknemer dus de gebruikelijke (interne sollicitatieprocedure volgen.

De procedure

Een werknemer die zijn contractuele arbeidsduur wil verminderen of uitbreiden, moet hiertoe een schriftelijk verzoek indienen bij zijn werkgever. Dit verzoek moet minstens vier maanden voor de beoogde ingangsdatum bij de werkgever worden ingediend.

In dit verzoek moet de werknemer aan geven: de datum van ingang, de omvang van de aanpassing en de gewenste spreiding van de uren. Zo heeft de werkgever de gelegenheid erover na te denken, iets te veranderen in de organisatie van het werk en eventuele vervanging te regelen. De werkgever is verplicht het verzoek te honoreren, tenzij zwaarwegende bedrijfsbelangen zich daartegen verzetten. De werkgever heeft in elk geval eenmaal overleg met de werknemer en deelt zijn besluit ook weer schriftelijk aan de werknemer mee, tenminste een maand voor de beoogde ingangsdatum. Als de werkgever het verzoek afwijst motiveert hij zijn beslissing.

Heeft de werknemer een maand voor de beoogde datum nog niets gehoord van zijn werkgever dan wordt de arbeidsduur aangepast conform zijn verzoek. Hiermee wordt bereikt dat de werknemer niet te lang in onzekerheid blijft.

Als de werknemer een verzoek tot aanpassing van de arbeidsduur heeft ingediend, kan hij pas na twee jaar, nadat de werkgever heeft beslist op zijn verzoek, opnieuw een verzoek indienen. Dit is niet alleen het geval, indien het verzoek is afgewezen, maar ook als het is gehonoreerd. Is het verzoek afgewezen dan kan de werknemer de zaak voorleggen aan de kantonrechter.

Zwaarwegend bedrijfsbelang

De werkgever mag een verzoek om meer of minder uren te gaan werken alleen afwijzen als er sprake is van een zwaarwegend bedrijfsbelang. Hiermee wordt gedoeld op economische, technische en operationele belangen die ernstig zouden worden geschaad als het verzoek zou worden gehonoreerd. Of dit aan de orde is, moet dus per verzoek worden beoordeeld.

De wet noemt enkele voorbeeldsituaties bij vermindering van de arbeidsduur, waarbij het wel om ernstige problemen moet gaan:

Bij vermeerdering van de arbeidsduur is in ieder geval sprake van een zwaarwegend bedrijfsbelang bij:

Persoonlijke motieven en omstandigheden van de werknemer mogen geen enkele rol spelen. Als de werkgever en de werknemer het niet eens worden, kan uiteindelijk de kantonrechter beslissen of sprake is van een zwaarwegend bedrijfsbelang.

Kleine werkgevers

Voor werkgevers met minder dan 10 werknemers geldt een aparte regeling. Deze werkgevers zijn verplicht zelf een regeling te treffen.

Eerste verzoeken kunnen vanaf 1 juli worden ingediend. Werknemers die op 1 juli 2000 al een jaar in dienst zijn kunnen vanaf die datum een verzoek indienen tot vermindering of vermeerdering van hun arbeidsduur met ingang van -op z'n vroegst- 1 november a.s.



Voortgang en eindpresentatie project Inventarisatie Arbeidsmogelijkheden.

In WOBberichten van juli 1999 werd informatie gegeven over de diverse met ESF-subsidie lopende projecten waarvan de WOB de voortgang coördineert. Een van die projecten is het project Inventarisatie Arbeidsmogelijkheden. Onder het kopje "Verbetering arbeidsmobiliteit" stond te lezen dat dit project zijn tweede fase in ging. Voortbouwend op het resultaat van het werk dat in september 1998 landelijk was gepresenteerd, zou in andere regio's de missie tot verbetering van de arbeidsmobiliteit worden doorontwikkeld. De keuze was gemaakt aan te sluiten bij andere in regio's innoverende ontwikkelingen en hun gehanteerde kernthema's van beleid. Voor deze koppeling werd gekozen, omdat het instrument op zichzelf staand als te abstract werd ervaren. Daarbij werd ook melding gemaakt van het perspectiefrijke instrument "Systeem voor integraal personeelsmanagement IP+". Met dit systeem kan de huidige situatie van een bedrijf afgezet worden tegen de in de toekomst gewenste situatie. Deze toekomstige gewenste situatie is geformuleerd in de vorm van een bedrijfsvisie, een missie en strategische doelen. In het juli- nummer van WOBberichten is uitvoeriger op dit systeem ingegaan.

Inmiddels zijn volgens plan in drie belangstellende regio's, Overijssel, Utrecht en Amsterdam activiteiten ontwikkeld, mede met begeleiding van de door de WOB ingezette externe deskundige bureau's AanBod (mobiliteitsaanpak) en MAO/MTD (aanbieder van IP+). Door omstandigheden kon de aanmelding van de PBC Drenthe niet worden gehonoreerd. De drie pilotstudies betreffen beleid, waaronder het formuleren van een eigen mobiliteitsbeleid tegen de achtergrond van functie-innovatie en boven lokale samenwerking (Overijssel), maar ook concrete activiteiten zoals het implementeren van mobiliteitsbeleid in een vooroplopende regio (Amsterdam) en het genereren van node gemiste personeelsbewegingen in een probleemveld van diverse werkgevers, besturen van aangesloten bibliotheken (Provincie Utrecht). Resultaten qua mobiliteit zullen kunnen blijken uit bereikte aantallen "mobiliteitsacties" als bijv. baan-bemiddelingsacties.

Het IP+ systeem is hierbij ingezet voor een tweeledig doel:

Diverse presentaties van het IP+ systeem hebben allerwegen enthousiasme gewekt. Op een conferentie op 2 november jl. met het motto "Visie op functioneren", zijn van alle pilot-deelnemers en diverse genodigden van het NBLC en uit het opleidingenveld de "klokken gelijkgezet". Aan de orde kwam wat de ideeën en wensen ten aanzien van het functioneren van de bibliotheken en hun medewerkers, gezien de thans gedragen branchedoelen? Op het ogenblik wordt in de pilots hard gewerkt om de vanuit het project ondersteunde doelen tijdig te realiseren.

De afsluitende presentatie gaat plaatsvinden op: dinsdagmiddag 20 juni

Nadere berichten zullen uiteraard volgen. We laten dan de resultaten van de drie pilot-studies te zien, in de hoop dat deze tot navolging prikkelen, en de introductie van de eerste "Modelaanpassing voor Openbare Bibliotheken" van het systeem IP+.

termijn voor aanvraag subsidies arbeidsgehandicapten.

Herintredende arbeidsgehandicapten en hun werkgevers moeten er bij de aanvraag van een tegemoetkoming in de extra arbeidskosten die hun handicap met zich mee brengt, rekening mee houden dat er voortaan strakke termijnen gehanteerd worden voor de indiening van zo'n aanvraag.

In de Wet (re)integratie arbeidsgehandicapten (REA) worden verschillende financiële instrumenten genoemd die kunnen worden ingezet om arbeidsgehandicapten aan het werk te helpen. Het gaat om tegemoetkomingen in kosten van aanpassingen op de werkplek (voor de werkgever), van vervoer (voor de werknemer) en van scholing (werkgever), beloningen voor werkgevers die een gehandicapte in dienst nemen (zogenoemde plaatsingsbudgetten) en financiële bijdragen aan de bekostiging van zogenaamde plaatsingspakketten (vergoeding van loonkosten in combinatie met bijvoorbeeld training en aanpassingen. Alle vijf tegemoetkomingen moeten worden aangevraagd bij de uitvoeringsinstellingen. Voor de laatste twee kan de aanvrager terecht bij het arbeidsbureau en de gemeente.

Voor de aanvraag van tegemoetkomingen golden tot nu toe nog geen termijnen. Het Landelijk Instituut sociale verzekeringen (Lisv) heeft de afgelopen anderhalf jaar bekeken hoe de toekenning verliep. Werkgevers en werknemers konden zelf bepalen wanneer ze een aanvraag indienden. Dat heeft geleid tot een onoverzichtelijke uitvoeringspraktijk.

Om te voorkomen dat aanvragers tot jaren na de plaatsing van een arbeidsgehandicapten om geld komen vragen, is nu een regeling getroffen met duidelijke termijnen. Aanvragen kunnen tot twee maanden na indiensttreding worden aangevraagd, een termijn die de arbeidsbureaus al wel hanteerden. Voor sommige bijdragen( in specifieke kosten) geldt een termijn van een jaar.

Tot 1 mei hoven de werkgevers en werknemers nog niet bang te zijn dat ze te laat komen: op die datum treedt de regeling pas in werking.

Een kopie van de regeling kunt u aanvragen op het secretariaat van de WOB

toelichting op artikelen 65A en 81 CAO: de instellingsgebonden gratificatieregeling/eindejaarsuitkering

Bij de laatste CAO-wijziging zijn de artikelen 65A en 81 aan de CAO toegevoegd.

Besluitvorming binnen de organisatie over de vormgeving van de instellingsgebonden gratificatieregeling moet plaats vinden voor 1 december en behoeft de instemming van de ondernemingsraad c.q. de werknemersvertegenwoordiging, dus is het verstandig geruime tijd voor die datum over dit onderwerp na te gaan denken. Reden voor de WOB om nu al enige toelichting te geven op deze bepalingen.

Uitgangspunt in de CAO is de eindejaarsuitkering (art.81): als er op 1 december geen overeenstemming is bereikt over een instellingsgebonden gratificatieregeling, wordt de eindejaarsuitkering volledig aan elke werknemer individueel uitgekeerd.

De werkgever kan met instemming van de o.r. echter ook besluiten de eindejaarsuitkering of een deel ervan te bestemmen voor een instellingsgebonden gratificatieregeling.

Deze kan bijvoorbeeld inhouden dat opmerkelijk goed presterende medewerkers een extra bonus krijgen.

Een andere mogelijkheid is dat vanwege bijzondere omstandigheden aan enkele medewerkers een extra periodiek worden toegekend, maar dan is daarmee wel in een keer al gauw ook voor volgende jaren het budget besteed.

Organisaties die zich aan het bezinnen zijn op een veranderingsproces, bijvoorbeeld in het kader van innovatie, zouden kunnen overwegen een "beloning" toe te kennen aan de medewerkers die in dit kader bereid zijn intern een andere functie te aanvaarden, of zich bijzonder moeten inspannen voor het implementatieproces en de daarmee samenhangende veranderingen.

Nog een mogelijkheid is dat met instemming van de o.r. wordt besloten dat voor dit jaar ter gelegenheid van een bepaalde gelegenheid (een algemeen erkende feestdag) aan iedere werknemer een gelijk bedrag wordt gegeven. Dit bedrag mag dan netto worden uitgekeerd, zolang maar geen afspraken voor de toekomst worden gemaakt. Ieder volgend jaar staat het onderwerp dan weer op de agenda voor overleg met de o.r.

Wordt afgesproken dat het een jaarlijkse en dus een structurele eindejaarsuitkering dan is het een bruto-uitkering en geldt daarvoor het bijzonder belastingtarief. De schijn moet worden vermeden dat er sprake is van een verworven recht. Dit kan tot gevolg hebben dat de werkgever een naheffingsaanslag krijgt.

Het is dus zaak om het niet als een jaarlijks terugkerend hamerstuk af te doen.

Door middel van de instellingsgebonden gratificatieregeling kun je een vrij bescheiden eindejaarsuitkering voor ieder maken tot een regeling die bijzondere inspanningen van een aantal medewerkers beter en daardoor meer motiverend beloont.



ontbinding arbeidsovereenkomst en opzegverboden

Sinds de invoering van de Wet flexibiliteit en zekerheid (1 januari 1999) heeft de kantonrechter bij een ontbindingsverzoek de plicht te onderzoeken of het verzoek verband houdt met het bestaan van een opzegverbod (bijvoorbeeld ziekte die nog geen twee jaren heeft geduurd, zwangerschap, lidmaatschap OR, et cetera). Omdat kantonrechters hiermee nogal verschillend omgingen, heeft de Kring van Kantonrechters een aantal richtlijnen vastgesteld, waaraan de kantonrechters zich in beginsel dienen te houden:

(Uit: VOG signalering nummer 11, februari 2000.)



Wetsvoorstel gelijke behandeling van mannen en vrouwen ingediend bij de Tweede Kamer

Onlangs is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend dat uitvoering geeft aan een Europese richtlijn inzake de bewijslast verdeling in gevallen van discriminatie op grond van geslacht.

Nu is het zo dat de partij die stelt dat ten aanzien van hem of haar onderscheid is gemaakt op grond van geslacht, hij of zij de gestelde feiten moet bewijzen.

Dit wetsvoorstel beoogt de bewijslast om te keren: in geval iemand die meent dat ten opzichte van hem of haar onderscheid is gemaakt en feiten daarvoor aanvoert, moet de tegenpartij, indien hij dit betwist, aantonen dat het beginsel van gelijke behandeling niet werd geschonden.

Het wetsvoorstel wijzigt hiervoor de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen en ook Titel 7.10 van het Burgerlijk Wetboek. Deze laatste wijziging heeft specifiek betrekking op het arbeidsrecht en is specifiek gericht op de private werkgever

WOBhype

In de afgelopen weken is de WOB veel in het nieuws geweest, kennelijk iets te veel naar de smaak van premier Kok, die het woord 'Wobhype' introduceerde.

Staat uw vereniging nu landelijk op de kaart en is dat goed of slecht nieuws?

Zoals iets meer dan oppervlakkige krantenlezers al hebben gezien, ging het om een andere WOB, de Wet Openbaarheid van Bestuur.

'Wassenaars Ouderen in Beweging' is ook zo'n andere WOB, net als Wolfsbergen Osnabrug Baars Belastingadviseurs, die zich op hun website presenteren als 'creatieve en flexibele organisatie van hoog opgeleide professionals met als standplaats Den Haag, de juridische hoofdstad van Europa'. Maakt dat de verwarring groter

of juist niet? Hoe dan ook, deze professionals waren eerder dan wij bij het internetplaatsje www.wob.nl. Vandaar dat u de WOB (de enige echte!) straks kunt vinden op www.wobsite.nl.

Als het zo ver is komt dat uiteraard in WOBberichten.

Bovendien krijgt u daarvan persoonlijk bericht, als u uw e-mailadres naar het reeds geopende adres wob@wobsite.nl heeft gestuurd.

werkgever aansprakelijk voor ongeval tijdens personeelsuitje.

De zorgplicht van de werkgever voor zijn personeel gaat mee met een dagje uit:

Een bedrijf had een dagje uit voor het personeel georganiseerd. 's Middags mochten de medewerkers met een landrover over de heide rijden. De auto reed door een diepe kuil waardoor een van de passagiers, de directeur human-resources, twee rugwervels brak. Deze werknemer eiste een schadevergoeding van zijn werkgever, omdat hij tekort zou zijn geschoten in de veiligheidsverplichtingen jegens zijn personeel.

De rechtbank vindt dat de zorgplicht van de werkgever zich ook uitstrekt tot activiteiten buiten kantoor die nauw verband houden met het werk. De rechtbank vindt dat de werkgever niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan.

De landrover was niet voorzien van veiligheidsriemen en de passagiers hadden ook geen ander houvast. Het feit dat de rit niet was georganiseerd door de werkgever zelf, doet daar niets aan af.

CAO-cursus; hoe staat het ermee?

In WOBberichten van november 1999 werden de leden met een enquêteformuliertje uitgenodigd hun belangstelling aan het secretariaat kenbaar te maken voor iets als een praktische cursus CAO en personeelswerk in openbare bibliotheken.

De enquête leverde een fikse respons op. Tot heden werden 33 belangstellende reacties van leden ontvangen.

Het secretariaat is doende ideeën voor de cursus te verwerken tot een aansprekende opzet. We zijn er echter door de druk van de meer reguliere, tijdgebonden werkzaamheden

nog niet aan toegekomen de ideeën te maken tot een concreet aanbod.

Zodra meer te melden is, hoort u dit van ons. In elk geval is duidelijk dat er meer dan voldoende potentiele deelnemers zijn.

 

april 2000

2000-04

in dit nummer:

bevoegdheden werknemersvertegenwoordiging

fictieve opzegtermijn en oudere werknemers

bevriezing interimbedragen

workshop 'Validatie'

stimuleringsregeling Dagindeling

-rappel Wiska

-seminar roostervormgeving

-handleiding verlofplanner

-vakbeurs P&O


In WOBberichten van april nu ook de bevoegdheden van de werknemersvertegenwoordiging op een rij. Verder de berekening van de fictieve opzegtermijn, bevriezing interimbedragen, aankondiging van workshop 'Validatie' en signalering van de Stimuleringsmaatregel Dagindeling. In de marge rappel om WISKA in te sturen, een terugblik op seminar roostervormgeving , handleiding verlofplanner op internet en vakbeurs P&O.

werknemersvertegenwoordiging in de openbare bibliotheek.

In het februarinummer van WOBberichten zetten wij de bevoegdheden van de ondernemingsraad op grond van de Wet op de Ondernemingsraden en vooral op grond van de CAO op een rij. In dit artikel doen we hetzelfde met de rechten en bevoegdheden van de werknemersvertegenwoordiging. Hierbij zullen we ook de verschillen met de OR aangeven.

Uitgangspunt is artikel 35c van de WOR, waarin de mogelijkheid tot instelling van een personeelsvertegenwoordiging staat. De CAO maakt van die mogelijkheid een verplichting (artikel 69). Deze verplichting ligt bij de werkgever en is van toepassing als een instelling meer dan 10 en minder dan 35 werknemers in dienst heeft. Zijn er 35 werknemers of meer dan moet een OR worden ingesteld (artikel 67 CAO).

Om te kunnen functioneren heeft de werknemersvertegenwoordiging recht op vergelijkbare faciliteiten als de OR: de werknemersvertegenwoordiging mag vergaderen in werktijd en de technische en administratieve voorzieningen van de instelling gebruiken. De leden hebben recht op doorbetaling van loon voor de uren tijdens werktijd besteed aan onderling beraad en overleg met de achterban en op doorbetaling van vrije dagen voor scholing. De werknemersvertegenwoordiging kan geen gebruik maken van de GBIO-subsidie, dus de werkgever moet de volle prijs betalen.

Voorts hebben leden van de werknemersvertegenwoordiging recht op bescherming tegen benadeling en ontslag.

De bevoegdheden op grond van de WOR zijn beperkt. De daar gegeven bevoegdheden zijn in de CAO aanzienlijk uitgebreid. We bespreken ze daarom tegelijk.

Recht van initiatief

De werknemersvertegenwoordiging heeft het recht alle aangelegenheden die betrekking hebben op de instelling bij de werkgever aan de orde te stellen, ten aanzien waarvan zij overleg met de werkgever wenselijk achten (artikel 4, onder d Bijlage K).

Recht op informatie

Desgevraagd moet de werkgever alle informatie verschaffen die de werknemersvertegenwoordiging voor de vervulling van haar taak redelijkerwijs nodig heeft. De werkgever is niet verplicht deze informatie schriftelijk te geven. ( artt. 31, eerste lid en 35c, zesde lid WOR).

De werkgever moet op grond van artikel 35b, lid 4 informatie verschaffen en voor bespreken met de werknemersvertegenwoordiging over: de algemene gang van zaken in de instelling, de werkzaamheden en de resultaten van de instelling in het afgelopen jaar en over het gevoerde sociale beleid, alsmede over zijn verwachtingen dienaangaande in het komende jaar.

Adviesrecht

Bijlage K van de CAO geeft de werknemersvertegenwoordiging het recht van advies over alle onderwerpen die worden genoemd in artikelen 25, lid 1 en 27, lid 1 WOR. Dus over de onderwerpen genoemd in artikel 27 waarover de OR instemmingsrecht heeft, heeft de werknemersvertegenwoordiging adviesrecht. De werkgever kan in zijn besluit afwijken van het advies van de werknemersvertegenwoordiging en hoeft ook niet, zoals bij een negatief advies van de OR, de uitvoering van het besluit op te schorten .

Instemmingsrecht

Met betrekking tot de volgende onderwerpen heeft de werknemersvertegenwoordiging instemmingsrecht:

* een regeling van de werktijden (dus niet de vakantieregeling);

* een regeling op het gebied van de veiligheid, de gezondheid of het welzijn in verband met de arbeid of het ziekteverzuim.

Als de werknemersvertegenwoordiging geen instemming geeft of de werkgever wijkt in zijn besluit af van de beslissing van de werknemersvertegenwoordiging dan is artikel 27, leden 3 tot en met 6 van de WOR van overeenkomstige toepassing.

Bijzondere rechten en bevoegdheden op grond van de CAO, vaak omdat de werknemersvertegenwoordiging gelijk wordt gesteld met de OR.

Nog iets over de OR

Zoals gezegd hebben we in het februari-nummer de bevoegdheden van de OR op een rij gezet. In de opsomming van rechten en bevoegdheden op grond van de CAO moet nog worden toegevoegd: artikel 46.

Hierboven is aangegeven dat de werknemersvertegenwoordiging niet bij scholing in aanmerking komt voor GBIO-subsidie. Een OR komt daarvoor wel in aanmerking, mits een cursus wordt gevolgd bij een opleidingsinstituut dat is aangesloten bij het GBIO (Gemeenschappelijk Begeleidingsinstituut Ondernemingsraden)



fictieve opzegtermijn en oudere werknemers

In WOBberichten van december 1999 stond een artikel over de toepasselijkheid van de kortingsregeling en de opzegtermijn voor oudere werknemers: de aftrek van een maand van de wettelijke opzegtermijn bij opzegging met een ontslagvergunning van het RDA is ook van toepassing op oudere werknemers.

Daarnaast kennen we ook sinds de invoering van de Flexwet de fictieve opzegtermijn. Dit is de opzegtermijn die moet worden berekend, als ware regelmatig opgezegd met een ontslagvergunning van het RDA, voor de berekening van de ingangsdatum van de WW. Volgens artikel 16, lid 3 van de WW moeten de inkomsten die de werknemer heeft ontvangen in verband met de beëindiging van de dienstbetrekking, tot de aldus berekende datum worden beschouwd als loon. Veelal ontbinden kantonrechters de arbeidsovereenkomst op zeer korte termijn en kennen daarbij een financiële vergoeding toe. Op grond van artikel 16 WW wordt in zo'n geval dus toch een -fictieve- opzegtermijn berekend en moet de werknemer interen op (een deel van.) zijn vergoeding, alvorens zijn WW-uitkering ingaat.

Ook ten aanzien van de berekening van de ingangsdatum van de WW was het de vraag of deze fictieve termijn moest worden berekend aan de hand van de CAO en art. 7:672 BW, of dat rekening moest worden gehouden met de langere opzegtermijn voor werknemers van 45 en ouder die volgens overgangsrecht gold.

Bijvoorbeeld: voor een werknemer van 50 die al 12 jaar in dienst was gold op het moment van invoering van de Flexwet voor de werkgever een opzegtermijn van vier maanden. Tengevolge van het overgangsrecht blijft deze opzegtermijn voor de werkgever vier maanden.

Is de termijn van vier maanden nu de fictieve termijn of, berekend volgens de nieuwe regels in art. 7: 672 BW, drie maanden?

De rechtbank heeft zich onlangs over een dergelijke kwestie gebogen die een werknemer had aangespannen tegen het Lisv, omdat hij van mening was dat zijn WW uitkering te laat was ingegaan. De rechtbank was er duidelijk over: nergens staat dat de overgangsregeling voor oudere werknemers ook van toepassing is voor de berekening van de fictieve opzegtermijn.

Dus in het hiervoor genoemde voorbeeld is de fictieve termijn drie maanden waarvan nog een maand moet worden afgetrokken in verband met de kortingsregeling en komt dan uit op twee maanden.

De overgangsregeling is bedoeld oudere werknemers te beschermen. Deze zou juist in het nadeel van de oudere werknemer werken, als hij op een groter deel van zijn ontbindingsvergoeding moet interen dan een jongere werknemer.

Overigens wordt de fictieve opzegtermijn niet afgetrokken van de periode waarover de werknemer aanspraak heeft op WW. Deze periode schuift alleen op in de tijd.

tegemoetkoming ziektekosten bevroren.

Het is gebruikelijk dat de WOB in april de nieuwe bedragen tegemoetkoming ziektekosten bekend maakt. De CAO volgt de bedragen die de rijksoverheid hanteert voor haar personeel.

Bij navraag bij het ministerie van Binnenlandse Zaken is gebleken dat deze bedragen voorlopig zijn bevroren op het niveau van 1999 tot ze het niveau bereiken van de bedragen die het Centraal Planbureau hanteert voor zijn centraal-economische ramingen. De verwachting op het ministerie was dat dit nog wel drie jaar kon duren.

Dit betekent dat in navolging hiervan voorlopig ook voor onze sector de 'interim'-bedragen, zoals vorig jaar vermeld in WOBberichten 99-05 en hieronder nog eens herhaald, gelijk blijven.

bedragen Btzr ('interim')

Sinds 1 januari 1999 gelden nieuwe bedragen voor de tegemoetkoming in de ziektekostenverzekering op grond van CAO-artikel 37. Dat verwijst weer naar een overheidsregeling, het 'Besluit tegemoetkoming ziektekosten rijkspersoneel' (Btzr), vroeger de 'interimregeling'.

Werknemers die niet verplicht bij het ziekenfonds zijn, hebben (parttimers naar rato) voor zichzelf en een aantal gezinsleden recht op zo'n vergoeding.

Het gaat om nettobedragen, die teruggerekend moeten worden naar bruto inclusief OHT.

Als de werkelijk betaalde ziektekostenpremie niet minder is dan de tegemoetkoming, dan hoeft u daarover geen sociale premies in te houden, maar alleen loonheffing volgens het tarief 'bijzondere beloningen'.

Soms is het voordelig de 'interim' pas in november of december uit te betalen.

Tenslotte nog eens de (maand)bedragen:

ƒ 143,82 voor de werknemer, idem voor zijn of haar echtgenoot,

ƒ 71,91 voor één kind onder de 16 en ƒ 85,36 voor elk kind tussen de 16 en 27 jaar waarvoor kinderbijslag en studiefinanciering wordt genoten.



workshop 'Validatie'

Zoals u weet hebben WOB en de Vereniging NBLC aan IVA Tilburg opdracht gegeven een onderzoek te doen naar de personeelsbehoefte in de bibliotheek- en informatiesector.

Op 10 mei zal een workshop plaats vinden om de uitkomsten van het arbeidsmarktonderzoek te valideren en te bespreken op mogelijke oplossingsrichtingen. De workshop is een ochtendbijeenkomst onder leiding van de onderzoekers van IVA Tilburg en een onafhankelijke voorzitter. De workshop is bedoeld voor de leden van de begeleidingscommissie en nog enkele sleutelfiguren uit de sector en van de opleidingen.

Namens de WOB nemen deel aan de workshop de heren Boom, Kemperman en Dingemans.

Verdere informatie kun t u inwinnen bij de heer E. Slot van de Vereniging NBLC.

stimuleringsmaatregel dagindeling

In het kader van de Stimuleringsmaatregel Dagindeling heeft de overheid 60 miljoen gulden vrijgemaakt. Met dit geld wil de overheid bedrijven en organisaties stimuleren oplossingen te creëren waarmee het voor werknemers mogelijk wordt werk en privé te combineren.

Voor meer informatie kunt u terecht bij het Projectbureau Dagindeling, tel: 070-3765912 en op www.dagindeling.nl

seminar roosterplanning

Op dinsdagochtend 11 april jl. vond in het Jaarbeursgebouw het seminar Roostervormgeving plaats. Dit seminar was met AWO-gelden georganiseerd door ABVAKABO en WOB. De opkomst was zeer goed. Het maximum van 60 hadden we al wat opgerekt, zodat de zaal goed vol zat. Reacties op de presentatie waren positief, alles wat met roostervormgeving te maken heeft werd nog eens op een rij gezet met de nadruk op het lange-termijn-denken. Andere reacties waren dat er te veel bekende stof werd behandeld en dat de verwachting juist was nieuwe zienswijzen en instrumenten aangereikt te krijgen.

Aan het eind van de ochtend kreeg iedereen een handboek Roostervormgeving & personele flexibiliteit, waarin informatie en instrumenten nog eens zijn beschreven.

Na afloop hebben veel deelnemers onder het genot van een lunch over de ochtend zeer geanimeerd nagepraat.

www.planbis.nl

Op de site van Onderzoeks- en adviesbureau 'Plan' staat nu ook de handleiding van de nieuwe VerlofPlanner, versie 10.0 voor het jaar 2000.

De handleiding is te vinden op www.planbis.nl.

Ga vervolgens naar de Software Service Sectie en volg de instructies.

Vakbeurs P&O

Op 29 en 30 november 2000 wordt in de Jaarbeurs te Utrecht een vakbeurs georganiseerd voor de overheid en de non-profit sector. Op deze beurs kunt u kennis maken met leveranciers en dienstenaanbieders op het terrein van personeel- en organisatie-ontwikkeling.

Daarnaast is er een inhoudelijk programma, dat bestaat uit symposia, workshops en (interactieve) lezingen.


 

mei 2000

2000-05

in dit nummer:

nieuwe voorzitter WOB

intentieverklaring arboconvenant ondertekend

presentatie werkdrukmethode

aanpassing wettelijk minimumloon

avondopenstelling 4 mei

sollicitatiecode

loopbaanperspectief en branche-ontwikkeling

-2 juni WOB-bureau roostervrij

-Wiska Service Sectie

-aanbieding arbeidsmarktonderzoek


in dit mei-nummer van WOBberichten: wisselingen in het WOB-bestuur, intentieverklaring arboconvenant ondertekend, presentatie werkdrukmethode, aanpassing minimumloon, avondopenstelling 4 mei, de sollicitatiecode en eindpresentatie project Inventarisatie Arbeidsmogelijkheden. Daarnaast in de marge: 2 juni WOB-bureau dicht, Wiska Service Sectie en aanbieding van het arbeidsmarktonderzoek

nieuwe voorzitter WOB

Overeenkomstig het besluit van de Algemene Ledenvergadering van 16 december 1999 heeft per 1 mei jl. de heer mr M.A. Boom de voorzittershamer overgenomen van de heer dr J.L. Swarte. De heer Swarte blijft nog tot het eind van het jaar als bestuurslid verbonden aan het WOB-bestuur.

M. Boom is bestuurslid van de WOB sinds december 1998; per 1 juli beëindigt hij zijn huidige werkzaamheden als directeur van de P.B.C. Utrecht, teneinde zich volledig te kunnen inzetten voor het voorzitterschap van de WOB.

vooraankondiging afscheid voorzitter dr. J.L. Swarte

Aan het eind van het jaar zal de heer Swarte afscheid nemen van de WOB. De ledenvergadering van dit jaar, die is gepland op 15 december, staat mede in het teken van zijn afscheid. De WOB en de gehele bibliotheekbranche zijn aan Joop Swarte veel dank verschuldigd. Meer dan veertien jaar heeft hij met kennis en overtuiging zich ingezet voor de zaak van de openbare bibliotheken. Een markant voorzitter met een karakteristieke open stijl van communicatie. Ook een erudiet man, die veel studies en interesses combineerde met zijn werkzaamheden voor de WOB.

Nadere berichten over het afscheid van de heer Swarte kunt u komend najaar tegemoet zien.

M. Boom



De heer K. Wolf, die in diezelfde ledenvergadering was gekozen tot bestuurslid, heeft nog voor zijn aantreden laten weten te vertrekken als adjunct-directeur bij Probiblio en daarom zich terug te trekken als lid van het WOB-bestuur.

In zijn plaats wordt mw. I van Asch van Wijck in de komende ledenvergadering door het bestuur voorgedragen als nieuw bestuurslid. Mw. Van Asch van Wijck is adjunct-directeur facilitaire diensten bij Probiblio.

intentieverklaring arboconvenant ondertekend

In een speciale bijeenkomst van het COAOB op vrijdag 26 mei hebben CAO-partijen en een vertegenwoordiger van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een intentieverklaring ondertekend om gezamenlijk op weg te gaan naar een arboconvenant.

Dit ingezette convenanttraject moet binnen enkele jaren leiden tot een reële verbetering van de arbeidsomstandigheden in de sector Openbare Bibliotheken. Met financiële hulp van de overheid zal een aantal knelpunten op het gebied van de arbeidsomstandigheden de komende maanden worden onderzocht. Vervolgens zullen in het convenant met het Ministerie van SZW afspraken worden gemaakt om geconstateerde knelpunten binnen een bepaalde termijn te verhelpen.

Vanaf juni a.s. zal onderzoeksbureau VHP Adviseurs te Den Haag, onder begeleiding van CAO-partijen en de overheid, een onderzoek starten naar de arbeidsomstandigheden in onze sector, vooral gericht op de fysieke en ergonomische belasting van de werknemers. Het onderzoek zal met name gericht zijn op functies waarin sprake is van repeterende handelingen, rsi-risico, houdingen en bewegingen die belastingsrisico met betrekking tot rug, nek etc. met zich meebrengen.

Wij verzoeken werkgevers die in het kader van het onderzoek benaderd worden, hieraan zoveel mogelijk medewerking te verlenen.



presentatie werkdrukmethode

Maandag 22 mei jl. is het rapport van TNO-arbeid naar de werkdruksituatie in openbare bibliotheken gepresenteerd aan CAO-partijen.. Het onderzoek heeft een methode opgeleverd waarmee de werkdruksituatie in openbare bibliotheken kan worden gemeten voor wat betreft het werk van de bibliothecaris en het baliewerk. In het kader van het onderzoek zijn 5 bibliotheken onderzocht

Een belangrijke conclusie van het onderzoek is dat tegenover de financiering slechts heel globale prestatieverplichtingen staan als eis. Vanuit de beroepsopvatting streven bibliothecarissen ernaar een zo goed mogelijke dienstverlening te bieden aan de gebruikers en doen ze daarvoor heel veel extra werk. Door dit extra werk ontstaat in een aantal bibliotheken een tekort in de formatie.

Andere knelpunten die werden gesignaleerd, houden verband met de financiële middelen, de afstemming tussen contracten, gebrekkige apparatuur en onvoldoende kennis en vaardigheden om met nieuwe media en technologieën te werken

Het beeld dat de onderzoekers kregen van het baliewerk was erg divers. Het aantal klantenservicevragen verschilt sterk tussen de onderzochte bibliotheken. In het baliewerk zitten ook vaak pieken in de werkbelasting. Voor het omgaan met deze piekbelasting worden standaard meer mensen ingeschakeld.

CAO-partijen praten in het najaar verder over wat men met de resultaten van dit onderzoek wil gaan doen.



aanpassing wettelijk minimumloon per 1 juli 2000

In verband met de vermelding van het minimumloon op de loonstrookjes geven wij u hierbij de minimumloonbedragen, genoemd in artikel 8, lid , onder a, b en c van de Wet op het minimumloon en de minimumvakantiebijslag, zoals die per 1 juli 2000 zijn vastgesteld door de Minister van SZW:

per maand : f 2447,90

per week : f 564,90

per dag : f 112,98

De hiermee corresponderende wettelijke minimumjeugdlonen bedragen per 1 juli 2000

Leeftijd % van minimumloon per maand per week per dag
22 jaar 85% 2080,70 480,2096,04
21 jaar 72,5% 1774,70 409,6081,92
20 jaar 61,5% 1505,50 347,4069,48
19 jaar 52,5% 1285,10 296,6059,32
18 jaar 45,5% 1113,80 257,0051,40
17 jaar 39,5% 966,90 223,1044,62
16 jaar 34,5% 844,50 194,9038,98
15 jaar 30% 734,40 169,5033,90




avondopenstelling bibliotheek 4 mei

Van verschillende leden kregen wij de vraag of een bibliotheek op 4 mei in de avond open mocht zijn. Onzekerheid hierover was ontstaan, omdat winkels in ieder geval wel moesten sluiten om 19.00 uur. Openbare bibliotheken zijn echter nadrukkelijk geen winkels. Volgens de definitie van een winkel uit de Winkelsluitingswet worden daar goederen aan particulieren verkocht. Dit is niet het geval in bibliotheken, of althans in een zeer marginale mate, maar verkoop, commercie is niet een doel van bibliotheken..

Daarnaast hebben we nog gekeken naar de voorschriften voor de Nationale Dodenherdenking. Hierin staat een regel in voor Openbare Gelegenheden. De gemeenten moeten ervoor zorg dragen dat op de avond van 4 mei geen openbare vermakelijkheden worden aangeboden. De gewone dagelijkse dienstverlening door bibliotheken lijkt ons geen 'vermakelijkheden'. Het lijkt ook aannemelijk dat bibliotheken niet juist op die avond een 'vermakelijk' programma gaan aanbieden, maar rekening zullen houden met de algemene norm van soberheid en ingetogenheid op 4 mei.

sollicitatiecode

De Stichting van de Arbeid heeft een nieuwe Aanbeveling Werving en Selectie vastgesteld. In die Aanbeveling adviseert de Stichting van de Arbeid ondernemingen de Sollicitatiecode van de Nederlandse Vereniging voor Personeelsbeleid (NVP), dan wel een daarop gebaseerde regeling toe te passen. De aanbeveling van de Stichting van de Arbeid en de regels van de NVP-sollicitatiecode hebben de doelstelling dat:

De aanbevelingen van de Stichting van de Arbeid en de NVP-sollicitatiecode zijn te vinden op de www.stva.nl.



loopbaanperspectief en branche-ontwikkeling

Op dinsdag 20 juni a.s. worden de resultaten gepresenteerd van de pilotstudies rond arbeidsmobiliteit en de inzet op maat van het instrument Integraal Personeelsmanagement IP+ in de bibliotheeksector.

De bijeenkomst vindt plaats in 'De Eenhoorn' te Amersfoort en begint om 13.30 uur.

WOB-leden en gemeentelijke bibliotheken hebben hiervoor per brief WOB 4249 van 12 mei 2000 een uitnodiging met aanmeldingsformulier ontvangen.

U kunt ook onderstaand strookje gebruiken om zich aan te melden

per fax : 070 - 30 90 704

We hopen op een grote opkomst.



Aanmeldingsformulier

eindpresentatie Project Inventarisatie Arbeidsmogelijkheden

instelling: ...................................................................................

naam/namen: functie:

............................................ ..........................................

............................................ ..........................................

............................................ ..........................................

plaats: ................................ datum:...............................



geeft/geven zich op voor de eindpresentatie op 20 juni 2000

faxen naar: 070-3090 704



2 juni roostervrij

besloten is de dag na Hemelvaartsdag als roostervrij in te plannen.

Het WOB- bureau is dus ook die dag, en daardoor van 1 tot 5 juni, gesloten.

Voor spoedeisende kwesties, die niet kunnen wachten tot maandag 5 juni, kunt u

-alleen op vrijdag 2 juni tussen 10 en 18 uur- Jos van Pelt bereiken op 0654 684 604.

U kunt zo'n kwestie, desgewenst schriftelijk toelichten per fax 070-7506 211 of e-mail jos_vanpelt@wxs.nl

deze fax en e-mail zijn dag en nacht bereikbaar.

Wiska Service Sectie

Onderzoeksadviesburo 'Plan' meldt ons dat op zijn site (www.Planbis.nl) een pagina is geplaatst met extra informatie over de Wiska. Enerzijds staat daar enige informatie voor degenen die dit jaar voor het eerst aan de Wiska meedoen, anderzijds treft u extra toelichting aan om de bedoeling van de vragen verder te verduidelijken. Voor degenen die de Wiska al hebben ingestuurd komt de Wiska Service Sectie voor dit jaar helaas te laat, maar is dan voor volgende jaren een nuttig hulpmiddel.

De pagina bevat bovendien een aantal aanbevelingen om de Wiska 2000 aanzienlijk te verbeteren. Wij verzoeken u, ook al heeft u de Wiska '99 al ingestuurd, toch een keer op deze site te gaan kijken. 'Plan' stelt reacties zeer op prijs.

aanbieding arbeidsmarktonderzoek

Het arbeidsmarktonderzoek dat de WOB en de vereniging NBLC door het Instituut voor Arbeidsmarktonderzoek (IVA) te Tilburg hebben laten houden, zal officieel in de ledenvergadering van de Vereniging NBLC aan de beide opdrachtgevers worden aangeboden op donderdag 8 juni a.s. en kort worden toegelicht.

Het onderzoeksrapport bevat een prognose voor de personeelsplanning in onze en aanverwante bibliotheekbranches tot 2005 en tot 2010. Het geeft schattingen van de aantallen op te leiden bibliothecarissen in deze perioden.

 

juni 2000

2000-06

in dit nummer:

wobsite de lucht in

ova-2000

vakantiewerk

pensioenreglement verklaard

vertrouwelijk e-mailen en faxen

wijziging wetsontwerp vakantie- en ouderschapsverlof

geen uitkering ziektewet ontslagen alcoholist

vast dienstverband door Flexwet

schema sociale zekerheid

IP+ dag succes

dubbelnummer

WISKA gaat sluiten

sollicitatiecode

In dit juninummer van WOBberichten het goede nieuws dat de wobsite in de lucht is. Verder berichten over ova-2000, vakantiewerk, het pensioenreglement verklaard, tips om vertrouwelijk te e-mailen en te faxen, wijziging van het wetsontwerp vakantie- en ouderschapsverlof, rechtspraak over de Flexwet en een schema toekomstige structuur sociale zekerheid.

In de marge dat de ip+ dag een succes was, de WOBberichten juli en augustus als één nummer verschijnen en dat de WISKA 1999 op 1 juli sluit. Tenslotte de juiste naam van de website van de Stichting van de Arbeid.

wobsite de lucht in

Met het begin van de zomer was het zover: de wobsite ging de lucht in.

Wat kunt u vinden op www.wobsite.nl? De CAO, de toelichting daarop. Met verwijzingen naar relevante artikelen in het Burgerlijk Wetboek, het Buiten-gewoon Besluit Arbeidsverhoudingen en de Wet op de ondernemingsraden. Alle WOBberichten van de vorige eeuw.

Van het Bedrijfspensioenfonds Bibliotheekpersoneel: statuten, reglement en toelichting daarop.

Hetzelfde van de WOB zelf en natuurlijk ook de (e-mail-)adressen van bestuursleden, commissieleden en secretariaatsmedewerkers.

De wobsite blijft in ontwikkeling, maar wij dachten er beter aan te doen de informatie nu zo snel mogelijk beschikbaar te stellen, hopend dat u enkele schoonheidsfoutjes voor lief zou nemen. Aarzelt u dus niet om uw commentaar te sturen, sommige punten zullen misschien ook zonder uw aanwijzingen worden verbeterd, voor andere hebben we die aanwijzingen hard nodig.

financiële ruimte voor ontwikkeling arbeidsvoorwaarden-2000 vastgesteld

In overleg op 16 juni jl. is overeenstemming bereikt over de door de minister van OCenW toe te kennen financiële ruimte voor verbetering van de arbeidsvoorwaarden in het jaar 2000. Aan dit overleg neemt de WOB deel namens de bibliotheeksector. De OCenW-vaststelling is vooral van belang voor de rechtstreeks door dat ministerie gesubsidieerde instellingen.

De ova-2000 ziet er als volgt uit:
Contractloonontwikkeling 3,25%
Arbeidsduurverkorting 0,04%
Incidenteel 0,6 %
Mutatie werkgeverslasten 0,04 % +
Totaal ova-2000 3,93 %




Zoals bekend is het onderhandelproces met het ministerie in de afgelopen jaren gekenmerkt door moeizaamheid en herhaald beroep op de Commissie- Van Voorden. Ditmaal waren de discussies kort, omdat algemene gegevens over de ontwikkeling zijn toegepast. Verder had verzet tegen de lage vaststelling van de ruimte voor het incidenteel (ca. 0,15% lager dan in de VWS-sectoren) gezien de afloop van het laatste beroep op die commissie over het jaar 1999, geen perspectief meer.

Overigens kent onze, reeds eerder overeengekomen, CAO over 2000 een kostenontwikkeling van 2,75% (contractloonontwikkeling 2,25 % + 0,5 % eindejaarsuitkering).

De instellingen die het aangaat zullen binnenkort door OCenW genformeerd worden over de toepassing van de ova-2000 op hun instelling.

vakantiewerk

Met de schoolvakanties in aantocht noemen we nog eens de relevante regels van de Arbeidstijdenwet (Atw), voorzover die betrekking hebben op jongeren van 13 tot 18 jaar. Deze groep jongeren wordt nogal eens ingeschakeld voor tijdelijk werk in de zomermaanden. Buiten de schoolvakanties gelden soms andere regels.

13- en 14-jarigen

Jongeren in deze leeftijdsgroep mogen op zaterdag licht werk doen, maar niet meer dan 6 uur. In vakanties mogen ze 5 dagen in de week werken, niet langer dan 7 uur per dag en 35 uur per week. Na iedere werkdag moeten ze 14 uur vrijaf zijn. Ze mogen maximaal 3 weken achter elkaar werken en maximaal 4 weken per jaar. Deze groep jongeren mag nooit op zondag en 's nachts werken. Ze mogen ook geen overwerk verrichten.

jongeren van 15 jaar

Jongeren van 15 jaar mogen buiten schooltijd 2 uur per dag licht werk doen. In de vakanties mogen ze 8 uur per dag werken en maximaal 5 dagen per week en 4 weken achter elkaar (6 weken per jaar). Tussen 2 werkdagen moeten 12 uren rust zitten. Op zondag mag alleen gewerkt worden als de zaterdag ervoor niet gewerkt is en dan nog maximaal 9 zondagen in de 13 weken. Bovendien mag alleen op zondag door een 15-jarige worden gewerkt als de werkgever daarover overeenstemming heeft met het medezeggenschapsorgaan of, als dat er niet is, met de belanghebbende werknemer. Tevens moeten de ouders of verzorgers uitdrukkelijk toestemming hebben gegeven. Ook deze jongeren mogen nog geen nacht- of overwerk doen.

16- en 17-jarigen

Deze groep jongeren mag het hele jaar door werken, maar niet langer dan 9 uur per dag en 45 uur per week; in 4 weken maximaal 160 uur. Tussen twee werkdagen moet een rustpauze zitten van minimaal 12 uur. Na 7 dagen werken moeten ze anderhalve dag vrij zijn. Ook deze leeftijdsgroep mag alleen op zondag werken als ze de zaterdag ervoor niet heeft gewerkt en maximaal 9 zondagen in 13 weken. Ook mag deze groep nog geen nacht- of overwerk verrichten.

vakantiewerk en kinderbijslag in 2000

Kinderen mogen dit jaar tot ƒ 1850,- bijverdienen met vakantiewerk zonder dat dit invloed heeft op het recht op kinderbijslag. Als de inkomsten uit vakantiewerk meer bedragen dan ƒ 1850,-, wordt alleen met het meerdere rekening gehouden bij de beoordeling van het recht op kinderbijslag.



pensioenreglement eindelijk verklaard

Eerder deze maand kregen al uw medewerkers Het pensioenreglement verklaard thuisgestuurd. Deze toelichting op het reglement van het Bedrijfspensioenfonds Bibliotheekpersoneel (BpBp), opvolgster van In helder perspectief heeft lang op zich laten wachten, maar het resultaat mag er zijn.

Als editor voor het notoir weerbarstige materiaal waaruit zo'n toelichting in eerste instantie pleegt te bestaan, was immers niemand minder aangezocht dan Mieke Starmans, oud-medewerkster van het NBLC en bij vele lezers bekend zijn als de bedenkster van het Makkelijk Lezen-concept. In binnen- en buitenland heeft zij lauweren geoogst met het toegankelijk maken van informatie voor brede groepen.

Misschien zag u tot nu toe Het pensioenreglement verklaard vooral als een chic interieurobject. Terecht, want ook het omslag met de foto van het AZL-gebouw van Wiel Arets mag er zijn. Maar dat daarachter een echte Starmans schuilt zal voor menigeen aanleiding zijn het boekje mee te nemen op vakantie. Voor het geval dat het dan onverhoopt in het ongerede raakt komt de tekst ook op de wobsite.

vertrouwelijk e-mailen en faxen

Een snel groeiend deel van de correspondentie met het WOB-secretariaat vindt tegenwoordig plaats via e-mail. Elke dag komt een flink aantal berichten binnen bij wob@wobsite.nl . Niet te ingewikkelde vragen worden meestal dezelfde dag direct beantwoord met de 'reply'-functie, hetgeen inhoudt dat het antwoord terecht komt op hetzelfde adres als waarvandaan de vraag is gesteld. Soms komt dat niet zo goed uit, bijvoorbeeld omdat de bibliotheek maar één e-mailadres heeft, of omdat de directeur of P&O-er de vraag stelde vanuit eigen huis of vanaf een ander niet-bibliotheekadres.

Voor die gevallen wijzen wij op het bestaan van de gratis diensten die worden aangeboden door bijvoorbeeld www.hotmail.com , www.yahoo.com en www.netscape.com . Het werkt meestal ongeveer als volgt: u 'surft' naar een van de genoemde websites, u vraagt daar een nieuw e-mailadres en geeft een wachtwoord en de gewenste naam van het e-mailadres (dat dan altijd eindigt op @hotmail.com, @yahoo.com resp. @netscape.com). De e-mails die u dan op dat adres ontvangt, kunt u vervolgens op iedere pc met internet opvragen middels uw wachtwoord. U surft daartoe wederom naar de website van de door u gekozen aanbieder (zie boven) en volgt dan de aanwijzingen, waardoor u in uw mailbox kunt kijken.

Geeft u dit e-mailadres aan ons op als antwoordadres, dan kan uw mail niet meer door anderen in de bibliotheek worden gelezen.

Op soortgelijke wijze kunt u ook vertrouwelijke faxen ontvangen op een gratis eigen faxnummer: surf eens naar www.xoip.nl of naar www.message4u.nl, daarna wijst het zichzelf.

De faxen die u zo ontvangt komen aan op uw e-mailadres.

wijziging wetsontwerp vakantie- en ouderschapsverlof

Alweer enige tijd geleden berichtten wij dat een wetsontwerp vakantie- en ouderschapsverlof door de Tweede Kamer was aangenomen.

Meestal is het zo dat als een wetsontwerp door de Tweede Kamer is aangenomen, behandeling door de Eerste Kamer daar vrij snel op volgt en dat de wet binnen afzienbare tijd wordt ingevoerd. Zo leek het ook te gaan met het wetsontwerp vakantie- en ouderschapsverlof. Echter, nadat de Tweede Kamer het ontwerp had aangenomen en het vervolgens zoals gebruikelijk aan de Eerste Kamer was aangeboden, ontstond er toch weer zodanige discussie dat de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid besloot enige wijzigingen op het ontwerp, zoals dat was aangeboden aan de Eerste Kamer, aan te brengen.

Die wijzigingen moeten de hele weg van voor af aan weer volgen en liggen nu bij de Tweede Kamer. We houden u op de hoogte.

geen uitkering ziektewet ontslagen alcoholist

Een werknemer was regelmatig ziek vanwege overmatig drankgebruik. Na een ontwenningskuur had zijn werkgever hem gewaarschuwd dat hij op staande voet zou worden ontslagen als hij weer zou verzuimen wegens dronkenschap. Toen de man zich een paar maanden later opnieuw ziek meldde omdat hij te veel had gedronken, voegde de werkgever de daad bij het woord. Ondanks het langdurige dienstverband (ruim twintig jaar) vond de kantonrechter het ontslag terecht. Daarop vroeg de man een ziektewetuitkering aan.

Hoewel hij gedurende een half jaar arbeidsongeschikt werd geacht, weigerde de uvi hem over die hele periode een uitkering te betalen. De man werd verweten een benadelingshandeling te hebben verricht nu hij voorzienbaar het risico had genomen dat hij zou worden ontslagen als hij weer dronken

Nadat de rechtbank het beroep van de werknemer gegrond verklaarde, belandde de zaak bij de Centrale Raad voor Beroep.

De Centrale Raad overweegt dat de man had kunnen voorzien dat hij door overmatig alcoholgebruik arbeidsongeschikt zou worden. Hij wist dat zijn werkgever hem in dat geval zou ontslaan, waardoor het risico voor loonderving tijdens ziekte niet bij de werkgever maar bij het wachtgeldfonds kwam te liggen. Door desondanks weer te gaan drinken, heeft hij een benadelingshandeling gepleegd en mocht de uvi een sanctie toepassen.

Volgens de Raad is niet gebleken dat er bijzondere omstandigheden waren waardoor de terugval onvermijdelijk was. Er is daarom geen sprake van verminderde verwijtbaarheid die voor de uvi reden had moeten zijn om een lichtere sanctie op te leggen. De ZW-uitkering is terecht over de gehele ziekteperiode volledig geweigerd.

(rechtspraak Sociale Verzekering 2000/16)

vast dienstverband als gevolg van Flexwet

Een man werkte al jaren tijdens de zomer -van april tot oktober- full-time als bedrijfsleider van een restaurant. In de winter werkte hij in hetzelfde restaurant op basis van een tijdelijk contract, echter alleen in het weekend en gemiddeld maar vier uur per week. Daarmee verdiende hij gemiddeld f 100 per week. Als aanvulling kreeg hij elke winter een WW-uitkering. Toen hij vorig jaar op 1 oktober een nieuwe WW-uitkering aanvroeg, wees het GAK zijn aanvraag af. Volgens het GAK was er inmiddels een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaan en had de bedrijfsleider recht op loondoorbetaling. Zowel de kantonrechter als de rechtbank waren van oordeel dat er een dienstverband voor onbepaalde tijd is ontstaan. De rechtbank vond in tegenstelling tot de kantonrechter echter niet dat de bedrijfsleider als gevolg hiervan recht behoudt op het loon dat hij verdiende tijdens de zomermaanden. Als de werkgever tijdens de wintermaanden een voltijdsloon zou moeten betalen, dan wordt hij onevenredig benadeeld.

Kort geding 2000/114

schema structuur sociale zekerheid

In WOBberichten van december vorig jaar brachten we u op de hoogte van de kabinetsplannen om de sociale verzekeringen te herstructureren. Aan de achterzijde van deze WOBberichten treft u een schema aan dat de plannen van het kabinet naar wij denken inzichtelijk maakt.

IP+ dag succes

Grote belangstelling was er voor de presentatie van de pilotstudies en de inzet op maat van IP+ op dinsdag 20 juni jl.

Het programma was gevarieerd in die zin dat er veel verschillende sprekers aan het woord kwamen.

Een theoretische inleiding die, door het tijdelijk uitvallen van de stroom, met de nodige improvisatie en humor werd verlevendigd.

De verslagen van de bibliotheken die aan het project als pilot hadden deelgenomen waren enthousiast, maar ook met kritische geluiden. Aan het einde van de bijeenkomst overhandigde Candy Duinker van de o.b. Amsterdam namens de pilots het eerste exemplaar van de CD-Rom aan de nieuwe voorzitter van de WOB.

Ook voor nadere informatie blijkt veel belangstelling te zijn.

dubbelnummer

Vanwege de vakantietijd verschijnt WOBberichten in juli en augustus als dubbelnummer. Dit nummer zal begin augustus worden verspreid.

WISKA gaat sluiten!

Onderzoeksadviesburo 'Plan', dat de jaarlijkse enquête naar de kosten van de arbeidsvoorwaarden uitvoert, meldt dat het rekenwerk op 1 juli gaan beginnen.

Een aantal leden, van wie de WISKA nog niet binnen was, heeft eervorige week een dringend en beargumenteerd verzoek van het WOB-bestuur ontvangen om alsnog met de grootste spoed te zorgen dat hun instelling meewerkt aan deze gegevensverzameling.

Let u erop dat ook uw gegevens tijdig binnen zijn?

sollicitatiecode

In het mei-nummer van WOBberichten stond een artikel over de nieuwe sollicitatiecode van de Stichting van de Arbeid.

De juiste naam van de website waar de sollicitatiecode is te vinden op internet is:

www.stvda.nl

 

 

juli-augustus 2000

2000 07-08


in dit nummer:

wetsontwerp arbeid en zorg

tip voor korting op WAO-premie

uitbetalen vakantiedagen

ontbinding en opzegverboden

fiets voor woon-werkverkeer

themadag 'CAO à la carte'

in de marge

- wijzigingen in pensioenfondsbestuur

- Saskia Strobos weg bij WOB

- arbo-onderzoek van start

In dit juli/augustusnummer van WOBberichten komen de volgende onderwerpen aan bod: wetsontwerp arbeid en zorg ingediend, WOB bijna bekeurd, een tip voor korting op WAO-premie, uitbetalen vakantiedagen, ontbinding arbeidsovereenkomst en opzegverboden, fiets voor woon-werkverkeer en de vooraankondiging van themadag 'CAO à la carte'. En verder korte berichten over de personele wijzigingen in het pensioenfondsbestuur, vertrek Saskia Strobos WOB-secretariaat, onderzoek arbeidsomstandigheden van start.

wetsontwerp arbeid en zorg ingediend bij Tweede Kamer

Er komt een Wet arbeid en zorg waarin naast bestaande verlofvormen nieuwe verlofregelingen worden opgenomen. Het wetsvoorstel is een uitwerking van de voorstellen uit de nota 'Op weg naar een nieuw evenwicht tussen arbeid en zorg'. Doel van de wet is de combinatie van arbeid en zorg te vergemakkelijken.

Nieuw zijn in de wet:

Daarnaast wordt een aantal bestaande verlofregelingen overgeheveld naar de Wet arbeid en zorg.

Bovendien is de Wet financiering loopbaanonderbreking in het wetsontwerp opgenomen.

De Wet aanpassing arbeidsduur, die per 1 juli jl. in werking is getreden, wordt op een later tijdstip naar de Wet arbeid en zorg overgeheveld.

pensioenfonds bijna bekeurd

In de accountantsverklaring die de jaarstukken van het pensioenfonds begeleidt wordt grote bezorgdheid uitgesproken over de discipline in het aanleveren van de gegevens.

Door het niet tijdig ontvangen van de juiste gegevens van de aangesloten werkgevers kwam het pensioenfonds dit jaar in zodanig tijdnood dat de toegestane termijn voor het produceren van het jaarverslag werd overschreden en de toezichthoudende instelling, de Verzekeringskamer, in actie moest komen.

Wij willen de WOB-leden met klem (en niet voor het eerst) vragen hieraan bijzondere aandacht te schenken. De boetes die kunnen worden opgelegd door de Verzekeringskamer moeten zo fors zijn dat ook de grootste spelers in de branche niet in de verleiding kunnen worden gebracht.

En die spelers zijn groot!

Het ligt in de rede zulke boetes te verhalen op de organisaties die ze veroorzaken, zodat de collega's die wel op tijd zijn niet gedupeerd worden.

korting op WAO-premie makkelijk en snel binnen

Dat meldde ons de administrateur van een van de WOB-leden, de o.b. Venlo. Op 11 juli had de bibliotheek een aanvraag gedaan voor een korting op de basispremie WAO. Deze korting kan worden aangevraagd op grond van de Wet Pemba als de som van hun uitkeringen en loon tenminste 3% van de totale premieloonsom bedraagt. Tot verbazing van de administrateur was de toezegging (25% korting op de basispremie en zelfs over 2 jaar, bij elkaar enkele tienduizenden guldens!) er al binnen drie weken.

Reden genoeg om de collega-bibliotheken deze tip door te geven.

Het aanvragen ging erg eenvoudig, vertelt de heer Van Duppen: een kwestie van 'het GAK' bellen om een 'aanvraagformulier korting basispremie WAO'. Voor de WAO-ers bij u in dienst die ook eerder door het GAK werden geadministreerd, kan het GAK meteen nazien of ze in de termen vallen, en u anders op het spoor zetten van de juiste uitvoeringsinstelling.

Het aanvraagformulier is simpel in te vullen. U heeft daar echt de arbodienst niet voor nodig.

Een aanrader voor elke bibliotheek die op minstens 3% van de formatie WAO-gerechtigden in dienst heeft gehouden of heeft genomen.

Het systeem is: hoe groter het percentage, hoe groter het deel van de basispremie dat u terugkrijgt. Door het maximum teruggavebedrag (f 12.500 per jaar) is het voor kleinere werkgevers relatief nog voordeliger. Er kan tot over 5 jaar terug worden geclaimd.

Deze en nog meer regelingen vind u in de brochure Arbeidsgehandicapten (weer) aan de slag, verkrijgbaar bij de kantoren van GAK Nederland BV.

uitbetalen vakantiedagen bij einde dienstverband

In de PC-privéregeling (aanvulling arbeidsovereenkomst, te vinden in deel D3 van het Handboek Arbeidsvoorwaarden - en ook op de wobsite, als toelichting op CAO-artikel 12) wordt een rekennorm gehanteerd voor de berekening van de waarde van een vrije dag.

Dit was aanleiding voor een van de leden om de vraag te stellen of deze rekennorm ook gehanteerd moest worden bij de uitbetaling van vakantiedagen aan het einde van het dienstverband.

Het antwoord hierop is: neen.

Artikel 7:641, lid 1 van het Burgerlijk Wetboek heeft hierop betrekking:

"Een werknemer die bij het einde van de arbeidsovereenkomst nog aanspraak vakantie heeft, heeft recht op een uitkering in geld tot een bedrag van het loon over een tijdvak overeenkomend met de aanspraak ..."

De aanspraak op uitkering ontstaat ongeacht de wijze van beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

De werkgever moet deze aanspraak volgens lid 2 ook schriftelijk vastleggen. Met deze verklaring kan de werknemer bij zijn nieuwe werkgever aanspraak maken op vakantie gedurende eenzelfde tijdvak zónder behoud van loon (art.7:641, lid 3 BW - ook op de wobsite te vinden).

Het komt ook geregeld voor dat de werknemer zijn dienstverband opzegt en zijn resterende vakantiedagen gedurende de opzegtermijn wil opnemen.

Op zich is daar geen bezwaar tegen. De werkgever kan ook voorstellen om dan het dienstverband eerder te beëindigen en de vakantiedagen uit te betalen. Hierdoor vermijdt de werkgever gedurende die periode de aan het werkgeverschap inherente risico's.

ontbinding arbeidsovereenkomst en opzegverboden

Sinds de invoering van de Wet flexibiliteit en zekerheid (1 januari 1999) heeft de kantonrechter bij een ontbindingsverzoek de plicht te onderzoeken of het verzoek verband houdt met het bestaan van een opzegverbod (bijvoorbeeld ziekte die nog geen twee jaren heeft geduurd, zwangerschap, lidmaatschap OR, et cetera).

Omdat kantonrechters hiermee nogal verschillend omgingen, heeft de Kring van Kantonrechters een aantal richtlijnen vastgesteld, waaraan de kantonrechters zich in beginsel dienen te houden:

Uit: VOG signalering nummer 11, februari 2000

fiets voor woon-werkverkeer

Als u aan een werknemer voor woon-werkverkeer een fiets verstrekt en de werknemer eigenaar wordt van de fiets, moet de u een bedrag bij het loon tellen. De waarde van deze verstrekking wordt gesteld op ƒ 150, als de catalogusprijs van de fiets niet hoger is dan ƒ 1.650 (bedrag per 1-1-2000, inclusief BTW) en de verstrekking niet vaker dan eens per drie jaar plaatsvindt. In alle andere situaties gelden de normale waarderingsregels. Als een fiets die u voor woon-werkverkeer ter beschikking stelt uw eigendom blijft, hoeft u geen bedrag bij het loon te tellen.

Zaken in direct verband met de fiets zoals onderhoudsbeurten, regenkleding, sloten en dergelijke kunt u tot een bedrag van ƒ 550 per drie jaar belasting- en premievrij verstrekken. Daarnaast mag een gangbare fietsverzekering worden verstrekt.

Als u aan uw personeel voor het woon-werkverkeer een fiets verstrekt of ter beschikking stelt is de BTW aftrekbaar als u voldoet aan de volgende voorwaarden

Voor zakelijke reizen die de werknemer maakt met een fiets die zijn eigendom is, mag u een vrijgestelde vergoeding verstrekken van ƒ 0,12 per kilometer. Deze regeling geldt alleen als de werknemer alle kosten die met de fiets samenhangen voor eigen rekening neemt.

Per saldo wordt de fietsvergoedingsregeling minder aantrekkelijk zodra men recht heeft op reiskostenvergoeding, dus meer dan de eigen bijdrage van Bijlage J van de CAO, omdat die maar voor de helft mag worden gegeven om de belastingvrije fietsverstrekking niet in gevaar te brengen.

Op de website van het Ministerie van Financiën worden 28 vragen in dit kader beantwoord www.minfin.nl : fiscale maatregelen bij gebruik van fiets in woon-werkverkeer.

vooraankondiging themadag 'CAO à la carte'

De adviescommissie P&O, die vorig jaar de bijeenkomst over modern werkgeverschap heeft georganiseerd, bereidt ook dit jaar weer een thema-bijeenkomst voor.

Het thema dat is gekozen is 'CAO à la carte'.

De ontwikkelingen op het terrein van arbeidsvoorwaarden wijzen erop dat het steeds mee de kant opgaat van een raamcao met daarbij inwisselbare arbeidsvoorwaarden. Het lijkt daarom zinvol dit onderwerp eens van verschillende kanten te belichten.

De datum voor deze themadag is donderdag 23 november met als reservedatum 30 november. Het zal weer gaan om een ochtendbijeenkomst met aansluitend een lunch.

vernieuwingen in pensioenfondsbestuur

Per 1 juli vertrok ABVAKABO-bestuurder Jan-Willem Dieten als bestuurslid en voorzitter van het pensioenfonds. Zoals wij vorig jaar augustus aankondigden is hij in het arbeidsvoorwaardenoverleg al eerder opgevolgd door Ilse van der Weiden, die nu ook toetreedt tot het pensioenfondsbestuur.

De voorzittershamer is overgenomen door Edith Snoey , eveneens benoemd door ABVAKABO en al langer lid van het pensioenfondsbestuur.

Saskia Strobos weg na 13½ jaar

Een van de meest vertrouwde gezichten van de WOB zult u moeten missen op de volgende ledenvergadering.

Het zal vreemd zijn haar niet meer als eerste aan de lijn te krijgen als u het secretariaat belt: Saskia Strobos heeft per 21 augustus een aanstelling als leerkracht in het basis-onderwijs aanvaard en geniet op dit moment van haar laatste WOB-vakantie.

Bestuur en collega's zien haar met spijt gaan, maar gunnen haar natuurlijk van harte deze gelegenheid tot verdere ontplooiing.

Onze spijt betreft natuurlijk ook de consequenties die haar vertrek voor de dienstverlening van het secretariaat zal hebben - wij hopen die consequenties beperkt te houden door zo snel mogelijk in de vacature te voorzien.

onderzoek arbeidsomstandigheden van start

Eind juni is het onderzoek in het kader van het arboconvenant van start gegaan. Er is een groot aantal bibliotheken geselecteerd voor een praktijkobservatie. Daar is onderzoeksbureau VHP inmiddels mee begonnen.

Er is een kleine klankbordgroep gevormd, waarin enkele arbo-deskundigen uit de branche namens werkgevers en werknemers in zitten.

De enquête die aan een groot aantal functionarissen zal worden toegestuurd is in voorbereiding.

 

 

september 2000

2000-09



in dit nummer:

verlenging mantelcontract ArboNed

nadere toelichting WAA

themadag CAO à la carte op 1 december

CAO geldt als wet

telling buitengewoon verlof

voortgang project IP+

toelichting artikel 33



in de marge

- nieuw op de wobsite

- CAO-overleg van start

- 'privatisering' werkplek



In het septembernummer van WOBberichten melding van de verlenging van de mantelovereenkomst met ArboNed, een nadere toelichting op de Wet aanpassing arbeidsduur, themadag CAO à la carte verzet naar vrijdag 1 december, de stand van zaken van het project IP+en een uitspraak kantonrechter: CAO geldt als wet. In de marge vindt u korte berichten over nieuwe aanvullingen op de wobsite, start CAO-overleg en een uitspraak 'privatisering' van de werkplek.



verlenging mantelovereenkomst ArboNed

Onlangs heeft het jaarlijks terugkerende gesprek plaats gevonden tussen de WOB en ArboNed over de verlenging van het mantelcontract.

Van de volgende zaken willen we u op de hoogte brengen.

Een nieuwe branche-RIE is pas aan de orde als het lopende onderzoek naar de arbeidsomstandigheden is afgerond.

nadere toelichting op Wet aanpassing arbeidsduur

Veel gesteld in verband met de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA) is de volgende vraag. Is het nog mogelijk om algemene beleidscriteria te hanteren inzake de minimum-omvang van een arbeidscontract.

De WOB heeft daarover het volgende standpunt.

Dergelijke beleidscriteria kunnen nog wel als uitgangspunt voor het aannamebeleid worden gehanteerd. Echter de WAA geeft iedere werknemer die langer dan een jaar in dienst is het recht aanpassing van zijn arbeidsduur te vragen aan zijn werkgever. De werkgever is per aanvraag verplicht te toetsen of het verzoek kan worden gehonoreerd en het belang van de werknemer af te wegen tegen het bedrijfs- of dienstbelang. Een enkele verwijzing naar algemene beleidscriteria is daarbij naar onze mening niet voldoende.

Per geval zal deze belangenafweging moeten plaats vinden en moet beargumenteerd worden, waarom in dat specifieke geval niet aan het verzoek kan worden voldaan. De WAA noemt zelf een aantal categorieën, waarin zich problemen kunnen voordoen als aan een verzoek zou worden voldaan.



We zetten ze hieronder nog eens op een rij.

Bij een verzoek om vermindering van de arbeidsduur is in ieder geval sprake van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang , indien vermindering leidt tot ernstige problemen:

Bij vermeerdering van de arbeidsduur is in ieder geval sprake van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang, indien die vermeerdering leidt tot ernstige problemen:

De zinsneden "in ieder geval" duidt erop dat andere mogelijkheden niet zijn uitgesloten.



themadag CAO à la carte verzet naar vrijdag 1 december

In WOBberichten 07/08 van dit jaar maakten wij melding van een informatieve bijeenkomst met als thema de CAO à la carte.

De dag was oorspronkelijk gepland op 23 november. Op die datum viert echter de p.b.c. Noord Brabant zijn 40-jarig bestaan.

Om die reden hebben wij de themadag verplaatst naar vrijdag 1 december in de ochtend met aansluitend een lunch.

De bijeenkomst zal plaats vinden in de Eenhoorn te Amersfoort.

Zodra het programma en de sprekers bekend zijn, zullen wij de directies en P&O medewerkers uitnodigen voor deze ochtend.



nog eens bevestigd: CAO geldt als wet

Werkgever en werknemer waren bij het in dienst treden van de werknemer een lager loon overeengekomen dan waarop hij krachtens de CAO recht had. Na afloop van het dienstverband eiste de werknemer ruim f 30.000 aan achterstallig salaris en vakantietoeslag. Volgens de werkgever was de werknemer akkoord gegaan met het lagere loon omdat het bedrijf slecht draaide.

Volgens de werknemer was hij alleen akkoord gegaan met een lagere overurentoeslag.



Volgens de kantonrechter in 's-Hertogenbosch is het niet relevant of de afspraak om van de CAO af te wijken alleen betrekking had op de overuren of ook op het salaris. Het staat immers vast dat de geldende CAO de werkgever verplicht de daarin vermelde salarissen uit te betalen. CAO-bepalingen hebben kracht van wet en daarvan mag niet worden afgeweken, tenzij in die CAO anders is bepaald. Het niet handelen conform de CAO kan niet worden afgewenteld op de werknemer.

(uit Praktijkgids 2000/5496)





telling buitengewoon verlofdagen

De bepaling over het buitengewoon verlof, artikel 30, begint met: "indien en voorzover de noodzaak tot verzuim aanwezig is". Vanzelfsprekend moet de gebeurtenis die het verlof noodzakelijk maakt in de periode van het gevraagde verlof vallen. Tevens is van belang dat wordt gesproken over dagen en niet over werkdagen. Niet ingeroosterde dagen tellen dus ook mee voor de vaststelling van de buitengewoon verlofperiode.

Meestal wordt naar de uitleg van dit artikel gevraagd in verband met een huwelijk. We willen daar dan ook nog specifiek op in gaan. Zoals gezegd moet in ieder geval de huwelijksdag deel uit maken van de buitengewoon verlofperiode. De werknemer kan dan nog aangeven of hij de dagen voorafgaand aan, rondom de huwelijksdag of aansluitend op de huwelijksdag het buitengewoon verlof nodig is.





project ip+/inventarisatie arbeidsmogelijkheden

Op 23 augustus heeft de klankbordgroep de verdere acties besproken om te bereiken dat IP+ op verantwoorde wijze via de licentie door de WOB kan worden aangeboden.

Er is behoorlijk wat werk te doen aan de uitbouw van de inhoudelijke vulling van het systeem (opleidingen- en scholingsgegevens niet-bibliotheek-eigen functies en stroomlijning van de rubriek persoonlijke kenmerken).

Ook vanwege technische ideeën van bureau MAO/MTD moeten de leden er op rekenen, dat eerst in januari 2001 aanbieding door de WOB te verwachten is.

We denken aan een database-formule in plaats van een pakket software op cd-rom. In de week van 16 oktober a.s. zal in een reeks sessies wel diverse betrokkenen worden getracht de inhoudelijke vulling op verantwoorde wijze af te ronden.

We houden u op de hoogte van de verdere voortgang.



toelichting op artikel 33 CAO

Regelmatig krijgen we vragen over de toepassing van artikel 33 bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Hier volgt onze algemene toelichting.

Volgens lid 1 van artikel 33 van de CAO heeft de werknemer recht op doorbetaling van het salaris in het eerste jaar ofwel van oudsher genoemd het 'ziektewetjaar'.

Voorts volgt uit de bepaling dat daarna de werkgever slechts verplicht is tot aanvulling voorzover voor het urenverlies wegens arbeidsongeschiktheid recht bestaat op een of andere uitkering ingevolge de sociale verzekeringswetgeving.

Met andere woorden: als iemand bijvoorbeeld 30% arbeidsongeschikt is in de zin van de WAO, dan moet uit dien hoofde de te ontvangen uitkering 6 maanden worden aangevuld tot 30% van het netto salaris en de laatste 6 maanden tot 30% van 75% van het netto salaris.

Als de medewerker voor de overige 70% wel arbeidsgeschikt is, maar niet voor zijn eigen werk en er ook geen ander passend werk voor handen is, dan kan hij voor dat urenverlies een WW-uitkering aanvragen. Dit is ook een uitkering ingevolge de sociale verzekeringswetgeving.

Deze tweede uitkering (de WW-uitkering) moet dan ook naar rato worden aangevuld, dus tot 70% van het netto salaris de eerste 6 maanden van 'het WAO-jaar' en de laatste 6 maanden tot 70% van 75% van het netto salaris.

Zo ontstaat per saldo voor de periode 'de maand uit plus 18 maanden' een inkomen van 100% van het laatst genoten netto salaris en vervolgens nog 6 maanden 75% van het netto-salaris.

Het staat de medewerker uiteraard vrij om geen WW-uitkering aan te vragen, echter: zonder uitkering geen aanvulling en -na het eerste ziektejaar- zeker geen doorbetaling.



nieuw op www.wobsite.nl

In de toelichting op artikel 12 van de CAO op de wobsite is de pc-privéregeling opgenomen in de vorm van een aanvulling op de arbeidsovereenkomst. De schriftelijke versie vindt u achter de modelarbeidsovereenkomst in het Handboek Arbeidsvoorwaarden Openbare Bibliotheken.

Ook nieuw is de integrale tekst van de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA). Deze treft u aan aansluitend op de artikelen van het Burgerlijk Wetboek.

Elders in dit nummer van WOBberichten gaan we inhoudelijk in op een veel gestelde vraag over de WAA.



CAO-overleg voor CAO 2001-2003 van start

Onlangs zijn de onderhandelingen van start gegaan voor de nieuwe CAO die in werking moet treden op 1 januari 2001.

Voor de komende maanden is een reeks van afspraken gemaakt om te voorgang te garanderen.

Uiteraard brengen we u op de hoogte als de onderhandelingen resultaat hebben opgeleverd.



'privatisering' van de werkplek

Een werknemer stuurde vanaf zijn werk regelmatig privé e-mail, vaak vergezeld van pornografische foto's. Dit was een van de redenen voor een ontbindingsverzoek van de werkgever.

De kantonrechter zei hierover het volgende. In het huidige tijdsgewricht is aanvaard dat er op het werk een zekere 'privatisering' optreedt. Een werkgever moet binnen zekere grenzen accepteren dat er tijdens werktijd ook privé-contacten worden onderhouden en hij dient de privacy van die contacten te waarborgen. Daarom laat de rechter de inhoud van de e-mail verder buiten beschouwing.

Dat geldt echter niet voor de pornografische foto's die de werden meegestuurd. De kantonrechter kan zich goed voorstellen dat de werkgever dergelijke afbeeldingen niet via zijn computernetwerk wil laten verspreiden. De werkgever mag zijn eigen netwerk onderzoeken op dit soort gebruik.

(uit Jurisprudentie Arbeidsrecht 2000/170)



 

oktober 2000

2000 - 10
in dit nummer:

brancherapportage ArboNed

opzegtermijn in tijdelijke contracten

opzegtermijn voor 45-jarigen

opzegtermijn voor zorgverlof

bevoegd tot stemmen in ALV

bedrijfshulpverlening

brutering overhevelingstoeslag

compensatie WAO-kosten bij ongeval

1 en 15 december

in de marge

- loongrens Zfw

- indirecte dienstverlening

- kortere beslistermijnen

- zwangerschapsverlof en WAO

In het oktobernummer de brancherapportage van ArboNed, drie berichten over de opzegtermijn en verder leest u wie bevoegd is te stemmen op de ALV, wie moet zijn opgeleid in bedrijfshulpverlening, de brutering van de overhevelingstoeslag, compensatie van WAO bij een ongeval en reminder voor 1 en 15 december.

In de marge berichtjes over de loongrens in de Ziekenfondswet, indirecte dienstverlening, kortere beslistermijnen voor uitkeringen en in de toekomst zal zwangerschapsverlof niet meer meetellen voor de WAO.

brancherapportage ArboNed

Onlangs heeft de WOB van ArboNed ontvangen de brancherapportage 1 juli 1999 - 1 juli 2000. Hieronder volgt de samenvatting.

Groei aantal aangesloten bedrijven

Het aantal bij ArboNed aangesloten leden van de WOB bedraagt 80; dit is een stijging van ruim 2% ten opzichte van 1999. Bij deze instellingen zijn 5719 werknemers werkzaam, dat is een daling van bijna 7% ten opzichte van 1999.

Verzuim bij ArboNed-bedrijven steekt gunstig af bij landelijk gemiddelde

Na een gestage daling van het ziekteverzuim sinds de invoering van de privatisering in de sociale zekerheid is in 1998 het verzuim landelijk weer gestegen. Deze stijging lijkt zich nu door te zetten. Verder neemt ook het WAO-risico landelijk toe. De ontwikkeling van het verzuim en WAO-risico bij de aangesloten leden laat eenzelfde beeld zien.

Het verzuimpercentage exclusief vangnet bij de aangesloten leden bedraagt 5,7% ligt boven het CBS-gemiddelde voor de bedrijfstak Cultuur en overige dienstverlening. De meldingsfrequentie bedraagt 1,26.

Het WAO-risico (de kans dat een werknemer ooit langer dan één jaar ziek is) ligt iets hoger dan het gemiddelde niveau van alle klanten van ArboNed en komt uit op 1,1%, maar ligt nog steeds onder het landelijk gemiddelde.

Uit cijfers van het Lisv blijkt dat het instroompercentage in 1999 landelijk 1,4% bedroeg; bij culturele instellingen echter maar 0,9%

Verzuimoorzaken

Van het langdurig verzuim wordt ruim 29% veroorzaakt door klachten aan het bewegingsapparaat en bijna 36% door psychische klachten. Opvallend is dat de klachten aan het bewegingsapparaat minder en psychische klachten meer voorkomen dan bij alle klanten van ArboNed.

Arbodienstverlening loont

In 1999 heeft ArboNed haar dienstverlening op het gebied van reïntegratie met het Verzuim Interventie Plan (VIP) sterk uitgebreid. In het jaar 2000 zullen de reïntegratie-activiteiten ten opzichte van 1999 nog eens verdubbelen.

Een voorlopige balans over de mogelijke effecten van reïntegratie-inspanningen die de werkgever en werknemer in 1999 samen met ArboNed hebben ondernomen, valt dan ook positief uit.

Uit de verzuimgegevens in hoofdstuk 5.1.1 blijkt dat het stimuleren van gedeeltelijke werkhervatting bij alle ArboNed-klanten leidt tot een vermindering van het verzuimpercentage met gemiddeld 0,4%. Dit kan voor de aangesloten WOB-leden in de directe loonsfeer tot een besparing van ca. f 360,- per medewerker per jaar leiden.

opzegtermijn in een tijdelijk contract

Een werknemer was werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst voor de duur van twee jaar. Volgens het contract eindigde het dienstverband van rechtswege per 1 november. In het contract was echter bepaald dat voor de werknemer een opzegtermijn van twee maanden gold en voor de werkgever een opzegtermijn van vier maanden.

Toen de werkgever zich op 1 november op het standpunt stelde dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege was geëindigd, beriep de werknemer zich op de overeengekomen opzegtermijn. Volgens hem kon de werkgever het dienstverband alleen opzeggen na toestemming van de Regionaal Directeur voor de Arbeidsvoorziening. Hij eiste daarom doorbetaling van zijn loon.

De wet schrijft uitdrukkelijk voor dat een tijdelijke arbeidscontract moet worden opgezegd als dat in de overeenkomst is bepaald. Toch vindt de kantonrechter in Apeldoorn dat dit wettelijk voorschrift in dit geval buiten toepassing moet blijven. In de arbeidsovereenkomst staat namelijk ook dat het dienstverband van rechtswege op 1 november eindigt. Dit was uitdrukkelijk de bedoeling van partijen toen zij de arbeidsovereenkomst aangingen.

Wellicht is die opzegverplichting in het contract opgenomen voor het geval dat het tijdelijke dienstverband ooit zou worden omgezet in een voor onbepaalde tijd of voor het geval dat een der partijen tussentijds zou willen opzeggen. Maar omdat deze gevallen thans niet aan de orde zijn, vindt de rechter dat niet relevant. De kantonrechter wijst de loonvordering dan ook af.

Er zijn echter ook uitspraken te vinden waarin de rechter anders oordeelt.

Daarom geven we hierbij enkele adviezen met betrekking tot de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.

opzegtermijn voor geborenen vóór 2 januari 1954

Artikel 73 lid 3 van de cao geeft als opzegtermijn twee maanden, 'tenzij deze op grond van artikel 7:762 lid 2 BW, dan wel op grond van de Overgangsbepalingen van de Wet flexibiliteit en zekerheid per 1 januari 1999, langer dient te zijn'.

Wat de termijnen van 7:762 lid 2 zijn kunt u ook zien op de wobsite, maar ze zijn kort weer te geven, bij dienstverbanden

Lastiger lijken de termijnen uit de 'Overgangsbepalingen' te berekenen, voor degenen die al 45 waren op 1.1'99, dus geboren zijn vóór 2.1'54.

Ook dat valt mee: het zijn de termijnen van de cao die gold op 1.1'99:

Het betreft hier opzegtermijnen voor de werkgever, die álle, als voor het opzeggen toestemming van de Regionaal Directeur voor de Arbeidsvoorziening is gekregen, met een maand kunnen worden verminderd - dus tot minimaal één maand.

Voor de werknemer is de opzegtermijn steeds tenminste twee maanden.

opzegtermijn voor zorgverlof

Ook artikel 44A van de cao heeft een opzegtermijn, voor het geval iemand wegens onvoorziene omstandigheden niet langer van het afgesproken zorgverlof gebruik wil maken. Die termijn is een maand, te vinden in lid 4 van het zorgverlofartikel.

Tenzij dat juist uitdrukkelijk is vastgelegd, eindigt het zorgverlof niet automatisch als de thuisverzorging zelf niet meer nodig is, bijvoorbeeld doordat het verzorgde familielid overlijdt of in een verpleeghuis komt.

wie is bevoegd te stemmen in de Algemene Ledenvergadering van de WOB?

Deze vraag werd onlangs door een van de WOB-leden gesteld.

En dit is antwoord daarop, aangevuld met een paar elementen uit de wobsite-afdeling 'hoe' .

Alle leden zijn vrij om voor de WOB-ledenvergadering hun gemachtigde aan te wijzen. In de statuten van de stichting of vereniging die de bibliotheek beheert, staat veelal een bepaling wie bevoegd is haar in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De statutaire vertegenwoordiger is bevoegd een ander te machtigen.

De WOB-statuten stellen in artikel 5 lid 2 als vereiste, 'één persoon mag deze rechten namens ten hoogste drie leden uitoefenen'.

Maximaal drie leden mogen dus volgens de statuten tezamen één persoon machtigen namens hen in de ledenvergadering de rechten als lid uit te oefenen.

Bij de registratie van bezoekers van de Algemene Ledenvergadering van de WOB beschouwen wij degene die de presentielijst namens een bepaald lid ondertekent als bevoegd om zijn organisatie te vertegenwoordigen. Die persoon ontvangt ter vergadering de stembiljetten voor zijn organisatie.

Daarbij is ook van belang dat het secretariaat de meeste bezoekers van de ledenvergadering kent.

Het secretariaat zal daarbij van die leden die gewoonlijk niet door de betreffende ene persoon worden vertegenwoordigd, een eenvoudige schriftelijk verklaring van machtiging vragen, ondertekend door de gebruikelijk aan de WOB bekende gemachtigde van dat lid - of uiteraard ondertekend door de wettelijke vertegenwoordigers van dat lid.

bedrijfshulpverlening

Onlangs werd ons de vraag voorgelegd of in een kleine vestiging of filiaal ook permanent iemand aanwezig moet zijn die opgeleid is in bedrijfshulpverlening.

De regelgeving ten aanzien bedrijfshulpverlening (BHV) heeft betrekking

op 'aanwezigen'. Naast de zorg voor de eigen medewerkers, dient dus ook BHV voor bezoekers gefaciliteerd te worden. Aangezien bedrijfshulpverlening met name noodzakelijk is voor de eerste minuten (met name 'levensreddende handelingen' tot professionele externe hulpverlening aanwezig is) kan dus niet met bereikbaarheid worden volstaan. Van de tijdens openingstijden aanwezige personeelsleden dient derhalve steeds iemand te zijn opgeleid tot

BHV-er. Afhankelijk van het aantal aanwezigen wordt het aantal BHV-ers

bepaald (1 per 50). In bibliotheken is het aantal bezoekers doorgaans

sterk wisselend, zodat men uit mag gaan van een grof gemiddelde. Naast het aantal mensen is ook de indeling van het pand van belang.


brutering overhevelingstoeslag

Per 1 januari 2001 zal de overhevelingstoeslag (OHT) worden afgeschaft.

Het streven van de overheid was steeds naar een zodanig verschuiven van de werknemerspremies dat de OHT volgend jaar niet meer nodig zou zijn.

Dat is net niet gelukt, en daarom worden alle fulltime brutosalarissen op 1 januari van rechtswege verhoogd met 1,9%, met een maximum van f 1745,-.

Voor degenen met een hoge OHT is de brutering zelfs 5,6% met een maximum van f 4555,-

Dit is een iets andere systematiek dan die van de OHT, die wordt gegeven tot in een individueel geval het maximum is bereikt.

Het gevolg is dat parttimers er iets op achteruit gaan.

Niet alle parttimers, het zullen er zelfs maar weinig zijn, want ze moeten meer dan schaal 10 verdienen en de individuele achteruitgang is altijd minder dan 1%.

Bij cao kunnen echter afspraken worden gemaakt om ook dit leed te verzachten.

De looncomponenten die volgens de Wet brutering overhevelingstoeslag lonen moeten worden gebruteerd, dienen aan twee voorwaarden te voldoen:

- het moet loon zijn in de zin van de Wet op de loonbelasting (loon LB);

- het moet regulier loon zijn: de looncomponenten die per loonbetalingsperiode worden toegekend.

Pensioenfondsen hebben nog een paar jaar de tijd om een oplossing te vinden - zij hoeven per 1.1.2001 nog niet te bruteren.


Lisv wil werkgever compensatie geven voor WAO-kosten van aangereden werknemer

Het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen (Lisv) wil werkgevers compensatie geven voor de WAO-premie die zij betalen voor werknemers die door schuld van een derde arbeidsongeschikt zijn geworden, bijvoorbeeld bij een ongeluk. Het Lisv en de eigen-risicodragers hebben het recht de uitkeringslasten te verhalen op degene die de arbeidsongeschiktheid heeft veroorzaakt. Als het Lisv van dit recht gebruik maakt merkt de werkgever daar niets van. Hij moet de gedifferentieerde premieopslag gewoon betalen, ook al heeft het Lisv de kosten van de WAO-uitkering al op iemand anders verhaald. Het Lisv ontvangt zo dubbel geldvoor een en dezelfde arbeidsongeschikte werknemer. Dit laatste wil het Lisv veranderen. Indien de WAO-last op een derde kan worden verhaald, moet de werkgever compensatie krijgen. Hoe dat precies vorm moet krijgen, is nog niet duidelijk. Het bedrag dat het Lisv op een derde heeft verhaald, kan bijvoorbeeld worden afgetrokken van de gedifferentieerde premieopslag die de werkgever moet betalen.

Het Lisv wil alleen compensatie geven aan werkgevers die zelf het in het eerste ziektejaar doorbetaalde loon hebben verhaald op degene die het ziekteverzuim heeft veroorzaakt. ( De CAO Openbare Bibliotheken verplicht in artikel 33, lid 10 de werknemer in geval van arbeidsongeschiktheid ten gevolge van een gebeurtenis waarvoor hij tegenover een derde rechten kan doen gelden, om deze rechten -op verzoek van de werkgever- te cederen aan de werkgever, voorzover die betrekking hebben op het recht op loondoorbetaling/aanvullende uitkering op basis van de leden 1 en 2) Voor het Lisv is het dan gemakkelijk in de administratie na te gaan wie na dit eerste ziektejaar aansprakelijk kan worden gesteld voor de kosten van de WAO-uitkering.

De compensatieregeling zou op korte termijn en met terugwerkende kracht (vanaf 1 maart 1996) in werking moeten treden.

denkt u aan 1 en 15 december?

Graag brengen we deze data nog eens onder uw aandacht.

15 december

Op 15 december a.s. is de Algemene Ledenvergadering. Deze zal worden gehouden in Den Helder vanwege het feit dat aansluitend het afscheid van de heer dr J.L. Swarte als voorzitter en bestuurslid van de WOB zal worden gevierd.

Overigens is de heer Swarte onlangs geopereerd vanwege een goedaardig gezwel. De operatie is naar wens verlopen en ook het herstel gaat voorspoedig. De verwachting is dat hij op 15 december volledig zal zijn hersteld.

1 december

Vrijdag 1 december is de themabijeenkomst over "CAO à la carte". Deze bijeenkomst vindt plaats vanaf 9.30 uur in de Eenhoorn in Amersfoort.

Voor deze bijeenkomst zijn uitgenodigd directies en alle medewerkers van de afdelingen P&O van WOB-leden, van bibliotheken met een wetenschappelijk steunpunt en van gemeentelijke bibliotheken.

Onlangs zijn voor deze bijeenkomst de uitnodigingen verstuurd. Aanmelding kan ook middels onderstaand strookje.

themabijeenkomst CAO à la carte

naam instelling: ................................................................................................

naam/namen+functie: ........................................................................................

...........................................................................................................................

...........................................................................................................................

...........................................................................................................................

meldt/melden zich aan voor de themabijeenkomst CAO à la carte op vrijdag 1 december

in congrescentrum De Eenhoorn te Amersfoort.

datum: ........................... plaats: ........................................................................



loongrens ziekenfondsverzekering 2001

De loongrens voor verplicht verzekerden in het kader van de Ziekenfondswet is voor 2001 vastgesteld op een bedrag van f 65.700,-.

Voor de overige werknemersverzekeringen wordt het maximumpremiedagloon f 226,-.

nota voor indirect verleende diensten

Het komt regelmatig voor dat de WOB gebeld wordt door een administratiebureau of een accountant met een vraag over de uitleg van de CAO ten behoeve van een klant.

Die klant is een openbare bibliotheek en lid bij de WOB.

Wij nemen aan dat een dergelijk telefoontje wordt gepleegd met instemming van de bibliotheek en brengen dan ook de kosten van onze dienstverlening -als het gesprek langer dan 10 minuten duurt- in rekening bij de betrokken bibliotheek.

verkorting beslistermijnen sociale verzekeringen

Een groot aantal beslistermijnen van de Sociale Verzekeringsbank en uitvoeringsinstellingen zal worden verkort.

Het gaat om beslissingen op uitkeringsaanvragen, bijvoorbeeld voor een werkloosheidsuitkering, waarvoor nu nog een termijn van dertien weken geldt.

Deze termijn zal worden teruggebracht tot een redelijke termijn, die overeenstemt met de Algemene wet Bestuursrecht.

De redelijke termijn mag in ieder geval niet langer duren dan acht weken. De termijn kan ten hoogste met nog een redelijke termijn worden verlengd.

Het bestuursorgaan moet dit vóór het verstrijken van die datum schriftelijk aan de betrokkene hebben meegedeeld.

zwangerschapsverlof en de WAO

Zwangerschaps- en bevallingsverlof tellen in de toekomst niet meer mee voor de wachttijd van de Wet op de arbeidsongeschiktheid (WAO). Dit blijkt uit een wijziging van de Invoeringswet arbeid en zorg van staatssecretaris Verstand van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die bij de Tweede Kamer is ingediend.

Nu worden perioden waarin een werkneemster ziekengeld ontvangt in verband met zwangerschaps- en bevallingsverlof meegeteld voor de wachttijd van de WAO. Dit betekent dat de zestien weken zwangerschaps- en bevallingsverlof worden opgeteld bij het ziekteverzuim. Na 52 weken ziekteverzuim gaat de WAO in.

Die termijn gaat nu dus verlengd worden met de duur van het zwangerschaps- en bevallingsverlof.

 

 

 

november 2000

2000-11

in dit nummer:

cao à la carte

wet BOL

nieuws van de onderhandeltafel

pensioenfondsnieuws

uitje pensioenfonds

deskundig en betrouwbaar

afkortingen op wobsite

kerstsluiting

alv in den helder

in de marge

In het novembernummer de laatste aankondiging voor 1 december, nieuws van de onderhandeltafel, veel over het pensioenfonds, afkortingen op de wobsite, kerstsluiting en de a.l.v in Den Helder. In de marge: een mailstoring, de verlofplanner en de franchise. Als bijlage: voorlopige salaristabellen per 1.1.2001



themabijeenkomst CAO à la carte

Wij willen u nogmaals herinneren aan de themabijeenkomst 'CAO à la carte' op 1 december a.s. in Amersfoort.

Alle ontwikkelingen op het terrein van arbeidsvoorwaarden wijzen in de richting van flexibel belonen en flexibele arbeidsvoorwaarden: het cafetaria-model. Dit model zal ook steeds meer in de non-profitsectoren worden ingevoerd. Het is daarom van groot belang dat u als werkgever en, indien aanwezig, ook uw P&O mensen zich verdiept/verdiepen in deze materie.

Bovendien is het ook altijd zinvol met collegae uit het veld over dergelijke onderwerpen van gedachten te wisselen.

We hebben een boeiend programma voor deze ochtend.

U kunt zich nog net aanmelden, per fax: 070-30 90 704, per e-mail: wob@wobsite.nl

wet brutering overhevelingstoeslag (BOL)

Met ingang van 1 januari 2001 wordt de overhevelingstoeslag afgeschaft en worden lonen en uitkeringen gebruteerd. Om een netto inkomensachteruitgang te voorkomen, moeten bruto lonen en uitkeringen per 1 januari 2001 worden verhoogd. Dit is geregeld in de Wet Brutering Overhevelingstoeslag.

Voor lonen geldt een verhogingspercentage van 1,9% met een maximum van ƒ 1745, tenzij werkgever en werknemers, i.c. CAO-partijen, schriftelijk anders overeenkomen.

Deze week is in het COAOB afgesproken dat in onze sector alle lonen inderdaad met genoemde 1,9% zullen stijgen per 1.1.2001, maar dan zonder maximum. Het kostenbeslag van deze afspraak is zeer gering en de uitvoering wordt natuurlijk simpeler. Formeel moet deze afspraak nog worden voorgelegd aan de respectieve achterbannen.

We verwachten echter dat deze afspraak ongewijzigd door de ledenvergaderingen zal worden bekrachtigd. We denken dat het voor de loonadministraties van belang is dat zij daar nu alvast rekening mee kunnen houden.

Bij deze WOBberichten treft u de voorlopige salarisschalen per 1.1.2001.

Houdt u er rekening mee dat alleen afgeronde bedragen zullen gelden en niet een eventueel ander, niet-afgerond resultaat van zuivere verhoging met 1,9% -zelfs als dat een fractie hoger zou uitkomen.

Met deze verhoging is ook het in de vorige WOBberichten genoemde probleem voor part-timers opgelost.

nieuws van de onderhandeltafel

Zoals u weet zijn de CAO-onderhandelingen in volle gang.

Namens de ABVAKABO is een nieuwe, tijdelijke onderhandelaar aangeschoven, mevrouw D. Beouguenon; dit in verband met de tijdelijke afwezigheid van de vaste onderhandelaar mevrouw E. van der Weiden.

De sfeer was goed, maar helaas zijn er nog nauwelijks resultaten geboekt.

De enige concrete afspraak die is gemaakt betreft de verhoging van de lonen met 1,9% in verband met de Wet BOL (zie hierboven). Om de vaart er in te houden is een extra COAOB afgesproken voor 29 november.

pensioenfondsnieuws

franchise van alleenstaanden- naar gehuwden-AOW

Het pensioenfondsbestuur wil de bestaande franchise, die nu nog op het niveau van de AOW voor alleenstaanden ligt, geleidelijk verlagen tot dat van de AOW voor gehuwden.

Reden voor deze verandering is dat steeds meer huishoudens gevoed worden door twee inkomens, met elk een eigen pensioenopbouw. Daardoor kan een gat vallen tussen de hoogte van de gezamenlijke AOW en het gezamenlijk opgebouwde ouderdomspensioen.

Het pensioenfonds acht het billijk hiervoor een voorziening te treffen. Dit is echtere een kostbare aangelegenheid die in verband daarmee geleidelijk zal worden geëffectueerd, door bevriezing van de franchise op het huidige niveau, te weten ƒ 26.300, tot de franchise gelijk is aan de AOW voor gehuwden.

nadere toelichting op deze veranderingen

Omdat steeds meer mensen leven in een gezinsverband waarin twee inkomens binnenkomen, zullen daar straks ook twee pensioenen, samen met de AOW, voor het inkomen moeten zorgen.

De nu geldende regeling veronderstelt een AOW ter grootte van ongeveer 70% van de AOW voor twee al dan niet gehuwd samenwonenden.

Die veronderstelling is juist als het om alleenstaanden gaat, want die krijgen ook die 70%.

Twee samenwonenden krijgen bij elkaar echter 2x50%, terwijl de pensioenregeling -als beiden deelnemer van het pensioenfonds zijn- uitgaat van 2x70%, dus 140%. Er ontstaat dus per huishouden een tekort van 40% (van de AOW, niet van het salaris).

Dit tekort wordt door de nieuwe regeling geleidelijk opgeheven.

Onderdeel van het voorgenomen besluit is ook een verandering van de uitkeringssystematiek. Vroeger ontving men een pensioen dat elk jaar werd berekend naar de feitelijk in dat jaar geldende salarissen minus de ook in dat jaar geldende franchise.

Straks wordt het pensioenbedrag eenmalig, bij het einde van de deelneming, vastgesteld en dan geïndexeerd met hetzelfde percentage als waarmee de salarissen stijgen.

In december zal het bestuur over dit voornemen de deelnemersvergadering horen en daarna zijn besluit nemen. Zo staat het in de statuten.

premies en franchisebedragen

In samenhang met het bovenstaande stijgt de OP-premie van 5,5% naar 6%.

Daarnaast is een besluit voorgenomen om het verhaal (=de deelnemersbijdrage) te splitsen in een deel te berekenen over het volledige salaris en een deel te berekenen over het salaris boven de franchise.

Achtergrond daarvan is dat een belangrijk deel van de premie wordt gebruikt voor opbouw van FlexTOP en een ander belangrijk deel voor ouderdomspensioen. Het eerste wordt uitgekeerd zonder, het ander met, of liever: onder aftrek van franchise. De splitsing is dus 'eerlijker'.

Zo wordt het verhaal 0,8% over het hele salaris plus 2,1% over het salaris exclusief de franchise, die als gezegd wordt bevroren - op f 26.300.

Daarbij komt de premie IP-pakket, als vanouds 0,1% over het salaris exclusief de franchise. Met 'salaris' is hier bedoeld: pensioengrondslag

De premie WAO-hiaatverzekering blijft gehandhaafd op 1,4%.

Voor hen die regelmatig vragen of die premie niet verlaagd kan worden: het schadeverloop in de 5 jaar dat de regeling bestaat, zou eigenlijk een verhoging tot 1,50% nodig maken.

kostenconsequenties werkgevers

De in 2000 geldende premie kost -over het geheel genomen- de werkgevers ongeveer 3,7% van de loonsom. In 2001 zou dat 4,0% worden.

advies inrichting administratie

Hoewel de betreffende besluiten dus nog niet genomen zijn, lijkt het, gelet op de geschiedenis van voorgenomen besluiten en de uitkomst daarvan, niet onverantwoord om alvast uit te gaan van deze data voor de salarisadministratie 2001.

Uiteraard kan de WOB niets garanderen - wel zal zij zo spoedig mogelijk na het besluit de definitieve cijfers publiceren, in WOBberichten en natuurlijk op de wobsite.

pensioenfonds organiseert uitje

Volgend jaar nodigt het fonds alle gepensioneerden uit voor een dagje Scheepvaartmuseum in Amsterdam. De precieze datum staat nog niet vast, het wordt maandag 2 of 23 april, maar wel de duur: van 10:30 tot 16:00 uur.

deskundig en betrouwbaar

Bestuurders van pensioenfondsen moeten vanaf 1 januari 2001 deskundig en betrouwbaar zijn. Dat vond u natuurlijk al lang, met het WOB-bestuur dat voor de benoemingen aan onze kant van de tafel verantwoordelijk is, maar het is nu ook wettelijk geregeld. Deskundigheid mag over het bestuur verspreid zijn, betrouwbaarheid in hoge mate is voor elke nieuw te benoemen bestuurder nu wettelijk vereist.

afkortingen op de wobsite

COAOB? LISV? Wulbz? Buesi?

U hoeft zich het hoofd niet te breken over de betekenis, van de meeste afkortingen die wij gebruiken en ook van veel die we niet gebruiken is de betekenis op www.wobsite.nl te vinden. Klik eerst op 'hoe?' en dan op 'afkortingen'.

Op de wobsite vindt u verder alle eerder verschenen WOBberichten, de belangrijkste wetsteksten op arbeidsrechtelijk gebied, de complete CAO met toelichting, de e-mailadressen van bestuur, commissieleden en medewerkers, de routekaart naar het WOB-secretariaat, het pensioenfondsreglement, de populaire versie daarvan, hoe u iemand kunt machtigen om te stemmen op de ledenvergadering, de tarieven voor dienstverlening en nog veel meer.

Het medium is ook voor ons nog betrekkelijk nieuw, zodat het goed mogelijk is dat u er iets mist dat eenvoudig in te brengen is - suggesties zijn steeds welkom.

kerstsluiting wob

Hopelijk zijn de CAO-onderhandelingen voor kerstmis afgerond, want na 22 december is het secretariaat tot 2 januari 2001 gesloten.

Voor heel dringende kwesties is er wel iemand telefonisch bereikbaar, via de NBLC-receptie, maar post, fax en e-mail blijven die week ongezien.

ledenvergadering in den helder

Zoals bekend wordt de eindejaarsvergadering op vrijdag 15 december gehouden in Den Helder, woonplaats van Dr. J.L. Swarte, die op die dag afscheid neemt als WOB-bestuurslid.

Binnenkort ontvangt u de vergaderstukken, waarbij ook een herziene beschrijving zal zitten van de route naar de Marineclub; met het eerder verzonden kaartje komt u bij de pont naar Texel terecht.

storing op mail

Gebleken is dat ons e-mailadres wob@wobsite.nl de afgelopen tijd niet goed heeft gewerkt. Mailberichten bereikten ons niet, maar hoopten zich ergens op in het netwerk. De afzenders hebben inmiddels bericht.

Als het goed is, is de storing nu verholpen.

Maar we blijven alert.

We willen daarom u ook vragen, als u de indruk heeft dat er iets mis is gegaan met de verzending van een mail, b.v. omdat u een reactie had verwacht, laat dit ons dan weten.

Ook blijkt het zinvol te zijn als attachments worden meegestuurd, om dan in de mail het aantal attachments te noemen, zodat de ontvanger daarop attent is. Ook daarmee is het in het verleden weleens mis gegaan.

VerlofPlanner 11 voor 2001

Voor 2001 wordt de VerlofPlanner geactualiseerd. Binnenkort wordt de nieuwste versie toegestuurd aan alle abonnees. Voor geïnteresseerden: VerlofPlanner is een programma voor het registreren voor de aan- en afwezigheid van werknemers.

U kunt er verlof- en ATV-rechten mee berekenen, verlof-, ATV- en ziektedagen mee administreren, alsmede de dagelijkse aanwezigheid van uw werknemers.

Het is een DOS-programma, dat ook goed werkt onder Windows 95/98/ME. U kunt het bestellen door f 349,-- over te maken op girorekening 2075174 t.n.v. Onderzoeksadviesburo -Plan-, Utrecht, o.v.v. VerlofPlanner 2001. U krijgt het dan binnen 2 weken toegestuurd. Nadere inlichtingen: www.PlanBis.nl . e-mail: buroPlan@planbis.nl

wat is dat, franchise?

In het bericht over de verlaging van de franchise, elders in deze WOBberichten, speelt dit woord uiteraard een sleutelrol.

De 'franchise' is het deel van het salaris waarover de werknemer geen premie betaalt en geen ouderdomspensioen opbouwt.

Dat er over een deel van het salaris geen pensioen wordt opgebouwd is geen ramp, want iedereen krijgt vanaf zijn 65e AOW.

'Iedereen' wil hier zeggen: iedereen die tussen zijn 15e en zijn 65e in Nederland heeft gewoond.

Elk NL-jaar in die periode levert 2% recht op AOW op. Wie in die 50 jaar steeds hier gewoond heeft, krijgt dus de volledige AOW die bij zijn leefsituatie hoort: 50% per persoon van het netto-minimumloon voor (al dan niet gehuwd) samenwonenden, en 70% voor alleenstaanden.

 

 

 

 

december 2000

2000-12

in dit nummer:

voorspoedig 2001

besluiten ALV 15-12

vakantiewetgeving

vervanging zieke werknemer

aanpassing arbeidsduur

afdrachtverminderin scholing

teruggaaf energiebelasting

afdrachtvermindering kinderopvang

in de marge

- eindejaarsuitkering

- olympische medaille snelle werkgever

- CAO à la carte-dag succes



In het laatste nummer van het jaar de besluiten die zijn genomen op de alv van 15 december jl., nieuwe regels voor vakantie, uitspraken van kantonrechters, en allerlei afdrachtsverminderingen c.q. teruggaafmogelijkheden van belastingen.

Korte berichten over de berekening van de eindejaarsuitkering, de themadag CAO à la carte, 'olympische medaille' voor snelle werkgever



bestuur en medewerkers van de WOB wensen u

prettige kerstdagen en een voorspoedig 2001

In de vorige WOBberichten stond het al, maar nogmaals als geheugensteun: het bureau van de WOB is van maandag 25 december 2000 tot en met maandag 1 januari 2001 gesloten.



besluiten ALV 15 december 2000

In de ledenvergadering van 15 december jl. in Den Helder, die overigens slecht bezocht was, zijn de volgende besluiten genomen :

Mevrouw. I.L.S. van Asch van Wijck, adjunct-directeur facilitaire diensten bij ProBiblio, is benoemd voor een periode van drie jaar, tot en met 31 december 2003.

vakantiedagen blijven voortaan vijf jaar geldig

De wettelijke verjaringstermijn van opgespaarde vakantiedagen wordt verlengd van twee naar vijf jaar. Hierdoor ontstaan ruimere mogelijkheden om vrije dagen op te sparen. Ook komt er ruimte om afspraken te maken over het afkopen van vakantiedagen en om vakantie op te nemen in uren.

Verder krijgen ouders van een meerling en mensen die meerdere kinderen tegelijk adopteren recht op ouderschapsverlof voor elk kind.

De nieuwe regelingen treden in werking met ingang van 1 februari 2001.

Voor de mogelijkheid om vakantiedagen af te kopen komen in aanmerking alle verworven vakantiedagen, dus ook die uit voorgaande jaren zijn opgespaard. Aan de wettelijk gegarandeerde vakantie van minstens vier weken per jaar mag niet worden getornd.

De werkgever is voortaan verplicht vakantie ook in uren te verlenen, als de werknemer daarom vraagt, tenzij het bedrijfsbelang zich daartegen verzet.

In dezelfde wetswijziging is geregeld dat ouders van meerlingen recht op ouderschapsverlof krijgen voor elk kind. Dit recht bestaat tot de kinderen 8 jaar worden. Er is een overgangsregeling voor ouders of verzorgers van kinderen die tussen 1.1.2000 en 12 maanden na inwerkingtreding van de wet, dus vóór 1.2.2002, de leeftijd van 8 jaar hebben bereikt: die ouders kunnen tot 1.2.2002 hun extra ouderschapsverlof opnemen.

Het bovenstaande is een beschrijving in grote lijnen van de toekomstige regels met betrekking tot vakantie. De nieuwe wetstekst is nog niet gepubliceerd, zodat wij nog niet op details in kunnen gaan. Zodra dit is gebeurd zullen wij u verder op de hoogte brengen van dit onderwerp.

Ga dus nog geen afspraken maken over het afkopen van vakantiedagen.



tijdelijke vervanging van zieke werknemers

Er zijn de laatste tijd twee uitspraken van kantonrechters gedaan in zaken die te maken hadden met tijdelijke contracten ter vervanging van een zieke werknemer. In de ene zaak overleed de vervangen medewerker in de loop van het tijdelijke contract en in de andere zaak werd het dienstverband beëindigd terwijl het tijdelijke contract nog liep. De uitspraak in de zaak waarin de vervangen werknemer was overleden speelde zich af in de onderwijssector en is niet algemeen geldend. De uitspraak in de zaak waarin het dienstverband met de zieke werknemer werd beëindigd, is wel van algemeen belang. Deze zaken laten echter allebei zien dat het van groot belang is dat van tevoren nagedacht wordt over wat de bedoeling is, als de vervangen werknemer komt te overlijden of zijn dienstverband wordt beëindigd. Wil de werkgever dan dat het tijdelijke contract ook eindigt of is het de bedoeling dat het tijdelijke contract gewoon doorloopt tot het einde van de overeen-gekomen (uiterste) termijn?

Ook is het verstandig afspraken te maken voor de situatie dat de zieke werknemer zijn werk weer gedeeltelijk hervat. Als u als werkgever weet wat u wilt, bespreek dit dan ook met de kandidaat tijdelijke kracht en leg hetgeen hierover wordt afgesproken duidelijk vast, zodat het voor beide partijen duidelijk is wat de bedoeling is.

De aanleiding voor dit stuk is, zoals gezegd, een uitspraak van een kantonrechter over afspraken in een tijdelijk contract die wel vaker zo worden gemaakt. Hier volgt een samenvatting

Een werkneemster werkte op basis van een tijdelijk contract 'als vervanging van een zieke werknemer en voor de duur daarvan, met een maximum van twaalf maanden. Zij verving haar vader die arbeidsongeschikt was. Toen het dienstverband met de werknemer werd ontbonden, stelde de werkgever zich op het standpunt dat daarmee ook het tijdelijke contract van de dochter was beëindigd. De vrouw vocht het ontslag aan en de kantonrechter stelde haar in het gelijk en zo ook de rechtbank in hoger beroep.

Het einde van een dienstverband, dat afhankelijk is gesteld van het intreden van een bepaalde gebeurtenis, moet onafhankelijk van de subjectieve wil van partijen kunnen worden vastgesteld. Aan dit criterium was niet voldaan, volgens de rechtbank.

Bij de indiensttreding van de dochter was al bekend dat de vader door zijn ziekte niet meer in zijn oude functie zou kunnen terugkeren.

De in het contract opgenomen ontbindende voorwaarde, 'als vervanging van een zieke werknemer', kon zich dus van meet af aan al niet voordoen. Aangezien deze voorwaarde krachteloos was, betrof het feitelijk een contract voor twaalf maanden.

Bovendien is de rechter het niet eens met de opvatting van de werkgever dat het tijdelijke dienstverband is geëindigd door de uitdiensttreding van de vader. De ratio van het vervangingscontract is nu juist de tijdelijke waarneming en de noodzaak daartoe eindigt niet als de vervangen werknemer uit dienst treedt. De uitdiensttreding heeft wel tot gevolg dat er een vacature ontstaat en dat de werkgever niet langer met een tijdelijke oplossing kan volstaan.

Dit betekent echter niet dat het contract met de vervanger enkel ten faveure van een derde werknemer mag worden beëindigd, zeker niet nu vast staat dat de betrokken werkneemster goed functioneerde.



aanpassing arbeidsduur

Nog een interessante uitspraak kwamen wij tegen, over de toepassing van de Wet aanpassing arbeidsduur (WAA).

Een ziekenverzorgster wilde na haar ouderschapsverlof nog maar 20 uur in plaats van de overeengekomen 24 uur per week werken. Bovendien wilde ze vanwege kinderopvangmogelijkheden op drie vaste dagen per week werken. Haar werkgever stemde wel in met de vermindering van het aantal uren, maar niet met de gewenste spreiding van die uren. Hij wilde dat de vrouw 5 halve dagen per week kwam werken. Daarvoor had de werkgever financiële argumenten. Hij moest een extra kracht aantrekken en dat zou hem dubbele overleguren gaan kosten . De vrouw legde de zaak voor aan de kantonrechter.

De kantonrechter stelt voorop dat de werkgever een voorstel tot arbeidsduurverkorting alleen mag afwijzen als hij daarbij een zodanig belang heeft dat de wens van de werknemer daarvoor naar redelijkheid en billijkheid moet wijken. Hij is het met de werkgever eens dat ingaan op het voorstel van de werkneemster nadelige financiële gevolgen heeft. Maar dat is nu eenmaal de consequentie van de WAA en de wetgever heeft gesubsidieerde instellingen niet van de werkingssfeer van de wet uitgezonderd. Overigens is niet gebleken dat de werkgever het financiële nadeel onmogelijk kan dragen.



afdrachtvermindering scholing non-profitsector

Regelmatig krijgen we nog vragen over de afdrachtvermindering vanwege scholing. Al eerder schreven we daarover in WOBberichten van maart 1999 (99-03). U kunt alle WOBberichten vinden op www.wobsite.nl, waar ze gewoonlijk binnen een maand nadat de papieren versie is verstuurd, voorlopig voor eeuwig, worden bewaard.



teruggaafregeling energiebelasting

www.belastingdienst.nl/energie/inhoud.htm

Sociale, culturele, maatschappelijke en religieuze instellingen kunnen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2000 50% van de energiebelasting terugvragen. Deze regeling geldt als het gebouw voor het grootste deel door uw instelling wordt gebruikt en de energierekening op naam van uw instelling staat. De teruggaaf is 50% van de door het energiebedrijf in rekening gebrachte energiebelasting.

Om voor teruggaaf in aanmerking te komen, kunt u een verzoek indienen bij de Belastingdienst, Team Energiepremies in Emmen. Dit team behandelt uw aanvraag en betaalt het bedrag aan u terug als u, als instelling, aan de gestelde voorwaarden voldoet. Het verzoek om teruggaaf moet uiterlijk binnen 13 weken na afloop van de verbruiksperiode doen. Voor de verbruiksperioden voor 1 oktober 2000 moet het verzoek ingediend worden voor 1 januari 2001.

U kunt het verzoek om teruggaaf doen met het formulier Verzoek Teruggaaf regu.lerende energiebelasting (REB). Het aanvraagformulier kunt u downloaden in PDF-formaat. Het PDF-bestand kunt u lezen met de Acrobat Reader. Deze kunt u downloaden bij Adobe (wijst zichzelf).



U kunt het verzoek om teruggaaf sturen naar Belastingdienstteam energiepremies, Antwoordnummer 615, 7800 VE Emmen.

Voor meer informatie kunt u terecht bij de medewerkers van het Team energiepremies, van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 17.00 uur;

tel.: 0591 68 03 45





afdrachtvermindering kinderopvang

www.belastingdienst.nl onder ondernemers, trefwoorden, kinderopvang

Als u kosten maakt voor de opvang van kinderen van uw werknemers, heeft u onder bepaalde voorwaarden recht op afdrachtvermindering kinderopvang. Het bedrag van de afdrachtvermindering is 30% van de kosten van fiscaal erkende kinderopvang. Bij de toepassing van de afdrachtvermindering kinderopvang komt de eventuele bijdrage van de werknemer in mindering op de kosten van de kinderopvang of op het bedrag dat u aan kinderopvang heeft betaald

Er is sprake van fiscaal erkende kinderopvang als de kinderopvang wordt verzorgd door instellingen of natuurlijke personen die zich bezighouden met kinderopvang, waarvoor de gemeente op grond van de Welzijnswet 1994 bij gemeentelijke verordening regels heeft gesteld voor de kwaliteit. Onder deze definitie kunnen ook een kindercentrum en gastouderopvang vallen.

Meer informatie kunt u vinden op de in de aanhef genoemde website van de belastingdienst en kunt u bellen met de BelastingTelefoon: 0800-0443.


eindejaarsuitkering

In artikel 81 van de CAO staat dat de eindejaarsuitkering wordt berekend over het door de werknemer in dat kalenderjaar feitelijk verdiende brutosalaris, vermeerderd met de over dat jaar opgebouwde vakantietoeslag.

Met 'feitelijk verdiende brutosalaris' wordt bedoeld 12 x het maandsalaris overeenkomstig de salarisregeling. Hier hoort dus niet bij de onregelmatigheidstoeslag (ORT).

Volgens artikel 1 van de CAO hoort de ORT niet tot het begrip salaris en moet er in dit geval dus niet bij worden geteld.

"Olympische medaille" voor snelle werkgever

Een verkoopster in een modezaak, die wilde praten met haar werkgeefster over een betere samenwerking, kreeg onverwacht een reeks verwijten naar haar hoofd. Tot haar verbazing werd ze op non-actief gesteld en diende de werkgeefster een ontbindingsverzoek in bij de kantonrechter.

Volgens de kanton-rechter verdient de werkgeefster een 'Olympische medaille' voor de niet eerder vertoonde snelheid waarmee zij een nietsvermoedende werknemer op straat heeft gezet. Overigens geen record waar enige trots bij past. De werk-neemster was ruim een jaar geleden in dienst getreden op basis van een jaarcontract. Dit tijdelijke dienstverband was nog maar enkele weken geleden omgezet in een contract voor onbepaalde tijd, boven-dien kreeg ze een salaris-verhoging. Zelfs al had werkneemster in de afgelopen weken er met de pet naar gegooid, dan nog had de werkgeefster haar daarop moeten wijzen. Wat zij nu heeft gedaan, valt eigenlijk gelijk te stellen met ontslag op staande voet en gaat daarmee veel te kort door de bocht.

succes themadag CAO à la carte



De eerste reacties op de themadag over flexibel belonen en flexibele arbeidsvoorwaarden zijn zeer positief.

Alle drie de sprekers hadden een eigen invalshoek op het thema en wisten in een boeiend verhaal de aandacht van de deelnemers tot het einde vast te houden.



Bent u niet in de gelegenheid geweest op deze themadag aanwezig te zijn dan kunt u de informatiemap tegen betaling van ƒ 25,= (kopieer- en verzendkosten) nog bestellen bij het WOB-secretariaat,



e-mail wob@wobsite.nl

fax: 070 30 90 704